De eeuwige stad in de winter

Michelangelo’s Sixtijnse plafondschilderingen vieren hun vijfhonderdste verjaardag en er zijn spectaculaire tentoonstellingen over Vermeer en Brueghel. De Romeinse keuken lijkt bovendien gemaakt voor de koudste tijd van het jaar. Kortom: breng deze winter een bezoek aan de eeuwige stad!

Pieter Brueghel de Jonge, Winterlandschap (1565)

Om onduidelijke redenen bezoeken mensen Rome het liefst midden in de zomer, wanneer de zon genadeloos is en de wachtrijen eindeloos lijken. De maanden april en mei en de periode rond de herfstvakantie zijn eveneens populair. Een winters weekend in Rome staat vaak minder hoog op het vakantielijstje. En dat terwijl het juist een aanrader is in de wintermaanden te gaan, wanneer de toeristenstroom is afgenomen, de Romeinse obers en winkeliers wat minder gehaast zijn en de specialiteiten uit de authentieke keuken van Rome het best smaken.

Italiaanse, Hollandse en Vlaamse meesters in Rome
Deze winter is er extra aanleiding. Michelangelo’s plafondschilderingen in de Sixtijnse Kapel vieren hun vijfhonderdste verjaardag en Hollandse en Vlaamse meesters brengen een bezoek aan de eeuwige stad. De grootste expo deze winter is ongetwijfeld de tentoonstelling gewijd aan Vermeer en de Nederlandse kunst van de zeventiende eeuw, waarvoor in de voorverkoop al ruim 75.000 kaarten werden verkocht.

Niet eerder vond Johannes Vermeer een plekje in een Italiaanse collectie. Dat is wellicht ook niet zo vreemd: het oeuvre van de schilder uit Delft is beperkt (hij schilderde niet meer dan twee tot drie doeken per jaar) en dus zijn werken van zijn hand zeldzaam. In de tentoonstellingsruimte van de Scuderie del Quirinale in Rome wordt hoe dan ook gebroken met die traditie door een grote tentoonstelling aan Johannes Vermeer en de ‘gouden eeuw van de Nederlandse kunst’ te wijden: Vermeer. Il secolo d’oro dell’arte olandese.

Johannes Vermeer, Meisje met de rode hoed, 1665-1667 (links) & Het straatje, ca. 1658 (rechts)

Schilderijen van Vermeer uit musea van over de hele wereld, waaronder het Meisje met de rode hoed, zijn verzameld en worden tentoongesteld samen met zo’n vijftig doeken van Nederlandse tijdgenoten als Gerard ter Borch, Gerrit Dou, Nicolaes Maes, Gabriël Metsu, Frans van Mieris, Jacob Ochtervelt en Jan Steen. Via hun doeken geeft de tentoonstelling een kijkje in de cultuur van de Nederlandse zeventiende-eeuwse burgerij, die zo vaak onderwerp was van de schilderijen. Het leverde vooral huiselijke thema’s op, familiescènes en alledaagse taferelen. Dat realisme kon bijna niet verder afstaan van de zeventiende-eeuwse kunst van Italië, die getekend is door de grote, weelderige publieke kunstwerken die in opdracht van de pausen en in naam van de contrareformatie werden vervaardigd. Volgens de samenstellers is de tentoonstelling een bewijs dat men in Italië over de grenzen kan kijken en zich bewust is van de waarde van de Nederlandse schilderkunst.

Aan de andere kant van het centrum, net achter de drukte van Piazza Navona, schitteren in het kleine, onvolprezen Chiostro del Bramante vanaf 18 december een aantal andere meesters uit onze contreien die nog niet eerder op Italiaanse bodem neerstreken. Topstukken uit de collectie van de familie Brueghel (bestaande uit Pieter Brueghel de Oude en de Jonge, Jan Brueghel de Oude en de Jonge en Abraham Brueghel) zullen de kleinschalige maar charmante expositieruimtes tot begin juni volgend jaar sieren in de tentoonstelling Brueghel. Meraviglie dell’arte Fiamminga (Brueghel. Wonderen van de Vlaamse kunst). De tentoonstelling behandelt, aan de hand van zeventig schilderijen en dertig tekeningen en schetsen, de geschiedenis van de belangrijke Vlaamse kunstenaarsfamilie in de zestiende en zeventiende eeuw.

Pieter Brueghel de Jonge, Dansende boeren (ca. 1600)

Wie meer interesse heeft voor de Italiaanse kunst, kan zich op een andere bijzondere expo verheugen. Het is dit jaar exact vijfhonderd jaar geleden dat Michelangelo de schilderingen op het plafond van de Sixtijnse Kapel voltooide, een enorme klus waaraan hij was begonnen in opdracht van paus Julius II. Op 31 oktober 1512, om precies te zijn, was het eindelijk zover: na afloop van een banket wachtte paus Julius II della Rovere een verrassing waar hij zich al vier jaar op had verheugd: het voltooide plafond van de Sixtijnse Kapel. Nadat hij een jaar eerder het eerste deel van zijn werk had onthuld, was Michelangelo de nieuwsgierigheid van de paus zat en werkte hij er verder in het grootste geheim aan om het af te maken, zonder ook maar de kleinste details te willen prijsgeven.

Om de vijfhonderdste verjaardag van het plafond te vieren, is speciaal voor de tentoonstelling Michelangelo e la Cappella Sistina nei disegni autografi della Casa Buonarroti een aantal werken uit het Casa Buonarroti in Florence naar Rome over gekomen. Dertien schetsen van de hand van Michelangelo, die hij maakte ter voorbereiding van zijn werk in de Sixtijnse Kapel, worden samen met een aantal reproducties uit die tijd tentoongesteld.

Rome culinair
Cultuur snuiven op koude dagen vraagt om culinair genieten in warme restaurants in de avond. De Romeinse keuken lijkt gemaakt voor de koudste tijd van het jaar: van bucatini all’amatriciana, een traditioneel Romeins pastagerecht met een saus van guanciale (wangspek), verse tomaat en zoute pecorino romano, tot pasta e ceci, een soep op basis van pasta en kikkererwten, staan de menukaarten vol verwarmende gerechten. Goede plekken om deze specialiteiten te proeven vind je overal, ook in de buurt van de grote toeristische trekpleisters (Maccheroni nabij het Pantheon, Il Desiderio preso per la coda bij Piazza Navona, Piccolo Arancio bij de Trevi-fontein). Jongeren zullen zich meer thuis voelen in de wat hippere eetgelegenheden, zoals het ongedwongen Ristorante del Fico achter Piazza Navona.

Alleen zij die over een sterke maag beschikken kunnen echter de ware, traditionele Romeinse keuken proeven. Voor de robuuste en oorspronkelijke smaken van de stad moet je de restaurants in de wijk Testaccio bezoeken. In 1890 werd daar het slachthuis (Mattatoio) van de stad geopend. De arbeiders in het slachthuis kregen als aanvulling op hun loon vaak de organen van het vee mee naar huis, die ze vervolgens verkochten aan de restaurants en trattoria’s in de buurt. In de keukens van die restaurants zijn klassiek geworden Romeinse gerechten als rigatoni alla pajata (pasta met ingewanden van kalf en lam) en coda alla vaccinara (gesmoorde ossenstaart) ontstaan. Daar kom je de winter wel mee door!

Wintertentoonstellingen
Vermeer. Il secolo d’oro dell’arte olandese
Tot 20 januari 2013
Scuderie del Quirinale
Via XXIV Maggio 16

Brueghel. Meraviglie dell’Arte Fiamminga
Van 18 december 2012 tot 2 juni 2013
Chiostro del Bramante
Arco della Pace 5

Michelangelo e la Cappella Sistina
Tot en met vrijdag 7 december
Camera dei Deputati (Palazzo San Macuto)
Ingang: Via del Seminario 76
Ma t/m vrij van 10.00 tot 20.00 uur; zat van 10.00 tot 13.00 uur
Toegang is gratis

Where to eat

  • Maccheroni, Piazza delle Coppelle 44
  • Il Desiderio preso per la coda, Vicolo della Palomba 23
  • Ristorante del Fico, Piazza del Fico 26
  • Piccolo Arancio, Vicolo Scanderberg 112
  • Felice a Testaccio, Via Mastro Giorgio 29
Advertenties

3 gedachten over “De eeuwige stad in de winter

  1. Met deze “Orpheus”in de hand kun je zo het vliegtuig naar Rome nemen en alles gaan zien en vooral heerlijk uit eten gaan! Makkelijker kan het niet! Wat heeft die stad toch geweldig veel moois te bieden…..

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s