Deze week was er ophef over de Ilias, het grote epische heldendicht over de Trojaanse oorlog van de Griekse schrijver Homerus. Men zegt namelijk eindelijk te hebben kunnen vaststellen wanneer (in welk jaar precies) Homerus zijn werk gepubliceerd heeft: 762 v.Chr. Lees hier het hoe, wat en waarom.

Soms zie je iets over het hoofd. Hoewel ik de boekenmarkt vrij nauwlettend in de gaten houd, was de verschijning van Een lied voor Achilles (een titel die mij toch direct zou moeten aanspreken) volkomen langs mij heen gegaan.

Attische vaas met Achilles die Troilus doodt
En toch verscheen het, al vroeg in oktober vorig jaar. Een boek dat de klassieker der klassiekers, de Ilias van Homerus, opnieuw vormgeeft en dichterbij dan ooit brengt. Het is verhaal van de legendarische oorlog tussen de verenigde Griekse stadstaten en het onneembare Troje, het verhaal van Helena, Hector en Achilles, van goden en godinnen, van wraak en van wrok.
PATROCLUS EN ACHILLES
Maar we beginnen bij Patroclus. Als jonge prins gaat Patroclus gebukt onder een weinig indrukwekkend uiterlijk en een groeiende onzekerheid. Na een uit de hand gelopen stommiteit rest zijn vader niets dan hem te verbannen. Patroclus komt terecht in Phtia, waar de jonge Achilles opgroeit aan het Koninklijke hof. Van Achilles, zo weet Patroclus, wordt gezegd dat hij een godenzoon is.
We maken kennis met Achilles door de bewonderende ogen van Patroclus. Zijn sterke lichaam, zijn zachte huid, zijn gouden haren, zijn onmenselijke gratie en schoonheid. Tegen de verwachtingen van Patroclus worden ze vrienden. Achilles’ moeder, de zeegodin Thetis, ziet niet in waarom haar zoon met deze ielige sterveling zou moeten omgaan en ze steekt haar goddelijke toorn niet onder stoelen of banken. Toch wordt de vriendschap steeds inniger, worden ze meer dan vrienden, en zullen ze samen enkele jaren doorbrengen bij de centaur Chiron. In die jaren wordt hun opvoeding voltooid; Patroclus en Achilles worden gezamenlijk volwassen en onafscheidelijk.
DE MOOISTE VROUW TER WERELD
Dan gebeurt wat de lezer al weet: het nieuws verspreid zich dat de mooie Helena, de vrouw van koning Menelaus van Sparta, is ontvoerd door een Trojaanse prins met de naam Paris. De Myceense koning Agamemnon roept de grootste en machtigste Griekse stadsstaten op om gezamenlijk ten strijde te trekken om de gekrenkte eer te wreken en de vrouw van zijn broer terug te halen.
Achilles, die al bij zijn geboorte bekend stond als ‘de beste der Grieken’, wordt eveneens opgeroepen. Dit is de kans voor de vliegensvlugge en behendige Achilles om de roem die hem door de goden is beloofd te vergaren. Hij zou sterven in de oorlog, maar eveneens onsterfelijk worden. Patroclus, die van vechten niets wil weten, besluit uiteindelijk zijn grote liefde te vergezellen. De oorlog begint.
CLOSE-UP
Schrijfster Madeline Miller koos ervoor om Patroclus het verhaal te laten vertellen. Een opvallende maar sterke keuze, omdat het een meeslepend en soms ronduit verrassend perspectief geeft op het verhaal dat iedere lezer in grote lijnen toch al kent. De vriendschap en liefde die de twee jongens voor elkaar voelen sleurt je de roman in, geeft je het gevoel dat je er zelf bij zit in die tent zit in het kamp van de Grieken. De manier van vertellen maakt dat het steeds is alsof je een close-up shot ziet, en de camera maar af en toe uitzoomt om de grote lijnen te blijven volgen.
De oorlogsjaren slepen zich voort en de spanning van de roman stijgt. Omdat het verhaal zelf spannender wordt, maar bovenal omdat er een spelletje wordt gespeeld met je hoofd, je gevoel, je geheugen. Naar het einde toe ging ik steeds langzamer lezen, omdat ik wist dat het onvermijdelijke einde naderde. En ik wilde nog geen afscheid nemen van Patroclus en Achilles, het onwaarschijnlijke liefdespaar.
Madeline Miller heeft voor deze eerste roman, waar ze jaren aan werkte en die haar doorbraak als schrijfster betekende, de Orange Prize 2012 gekregen. Meer weten over het boek? Neem dan een kijkje op de website van Madeline Miller.
Een lied voor Achilles
Madeline Miller
Vertaling Robert Neugarten
Uitgeverij Meulenhoff
ISBN: 9789029088619
€ 19,95
Troje is de stad die je kent van de legendarische Trojaanse oorlog. Legendarisch, toch? Wat er wél ‘waargebeurd’ is uit Homerus’ wereldberoemde heldendicht over Achilles, Paris, Helena en Hector, om een paar hoofdrolspelers te noemen, is misschien wel in paar zinnen samen te vatten. Maar dat Troje bestond is zeker waar. Vanwege het verhalengoed waarmee de stad in Turkije wordt omgeven heeft het iets magisch, iets eindeloos fascinerends.
In 1868 dacht Schliemann bij Hisarlık in Turkije Troje te hebben gevonden. Twee jaar later begon hij er op te graven en zijn voorgevoel bleek te kloppen.
Dat vond ook de in 1822 geboren Duitse Johann Ludwig Heinrich Julius Schliemann. Hij had er al een hele internationale handelscarrière op zitten toen hij in 1868 bij Hisarlık in Turkije dacht Troje te hebben gevonden. Twee jaar later begon hij er op te graven en zijn voorgevoel bleek te kloppen. Hoewel de ‘Schat van Priamus’ die hij vond niet een daadwerkelijke schat van de Trojaanse koning bleek, en de hele laag die Schliemann aantrof eigenlijk duizend jaar ouder was dan het tijdperk waarin het Troje van de oorlog geplaatst moet worden, waren en blijven de vondsten die hij deed baanbrekend en opzienbarend.

De ‘Schat van Priamus’ op een foto van vóór 1880
Dat Trojaanse verleden komt vanaf vandaag weer tot leven. Van 7 december tot en met 5 mei 2013 presenteert het Allard Pierson Museum (het archeologisch museum van de Universiteit van Amsterdam) de tentoonstelling Troje. Stad, Homerus en Turkije. Er zijn ruim 300 stukken in bruikleen uit binnen- en buitenland. Niet eerder waren er in Nederland zoveel archeologische en cultuurhistorische topstukken uit en over Troje in een tentoonstelling te zien. De tentoonstelling vormt de spectaculaire afsluiting van de feestelijke viering van 400 jaar diplomatieke betrekkingen tussen Turkije en Nederland.
Niet eerder waren er in Nederland zoveel archeologische en cultuurhistorische topstukken uit en over Troje in een tentoonstelling te zien.
Troje. Stad, Homerus en Turkije vertelt de verhalen van Troje en laat zien hoe de betekenis van de stad telkens verandert. Waar de legendarische naam Troje wordt genoemd, is er controverse en zijn er tegenstrijdigheden. Door de eeuwen heen hebben velen Troje zich toegeëigend. De tentoonstelling belicht een zeer tot de verbeelding sprekend onderwerp vanuit verschillende gezichtspunten. Mythevorming over Troje is de rode draad van de tentoonstelling. De spraakmakende opgravingen van Heinrich Schliemann en zijn opvolgers worden getoond aan de hand van kopieën van de beroemde ‘Schat van Priamus’ en originele vondsten uit de verschillende opgravingen. Een hoogtepunt is de grote marmeren Zeuskop uit het Archeologisch Museum in Istanbul.
Troje. Stad, Homerus en Turkije
7 december tot en met 5 mei 2013
Allard Pierson Museum Amsterdam
Bij de tentoonstelling verschijnt een gelijknamig boek (€ 24,95) en er is een breed activiteitenprogramma met onder andere lezingen, rondleidingen, cursussen, educatief materiaal voor het voortgezet onderwijs en Troje reizen naar Turkije. Meer informatie staat op www.trojeinamsterdam.nl
Patrick Lateur leest de Ilias voor!
Tijdens de eerste dagen van de tentoonstelling kan men op bijzondere wijze genieten van dit epische verhaal: op 7, 8, 9, 11 en 12 december zal Patrick Lateur zijn complete vertaling van de Ilias in het museum voorlezen. Hier kun je zien wanneer de voorleessessies precies zullen plaatsvinden.
Vandaag barst ‘ie los: de Maand van het Spannende Boek, met tientallen lezingen, signeersessies en andere activiteiten door het hele land. De auteur van het geschenkboek van dit jaar is Simone van der Vlugt.
Er zijn heel, heel veel spannende boeken geschreven. Het is misschien wel het meest geschreven en best gelezen genre van dit moment. Dat is goed natuurlijk, maar het is ook goed om je af en toe te realiseren op de schouders van welke reuzen je staat als je succes hebt. Vandaag daarom een lijstje met boeken die pas echt spannend zijn. Oh ja, en ze zijn stuk voor stuk opgeschreven in de oudheid.

De mythe van Argus wordt beschreven in Ovidius’ Metamorfosen. De reus Argus had wel honderd ogen, om beurt namen er twee van al die honderd rust.
#1 Thucydides – De Peloponnesische Oorlog
De Peloponnesische Oorlog woedde tussen 431 – 404 voor Christus. Het was een strijd tussen de stadstaten Athene en Sparta, de twee grootmachten van het Griekenland van die tijd. Die geweldig spannende oorlog is in detail beschreven door een Atheens generaal genaamd Thucydides.
#2 Homerus – Odyssee
Soms is de nasleep van een oorlog spannender dan de oorlog zelf. De Odyssee is het vervolg op de Ilias, Homerus’ epos over de Trojaanse Oorlog. De Odyssee is rond 800 voor Christus opgeschreven en verhaalt over de zwerftocht van de held Odysseus tijdens zijn terugkeer naar huis, het eilandje Ithaka.
#3 Ovidius – Metamorfosen
In de Metamorfosen wordt het verhaal van de schepping en geschiedenis van de wereld verteld aan de hand van de Griekse en Romeinse mythologie. Dat klinkt misschien niet zo heel spannend, maar als je de moeite neemt om er delen uit te lezen, zul je al snel onder de indruk zijn; van de ingenieuze vertelkunst van Ovidius en de onuitputtelijke schat aan verhalengoed die de oudheid rijk is.
#4 Livius – Ab urbe condita
‘Vanaf de stichting van de stad’, dat is de letterlijke vertaling van de titel van Livius’ beroemde boek over de geschiedenis van het Romeinse Rijk. ‘De stad’, dat is natuurlijk Rome, het centrum van de wereld in de tijd van Livius. Toegegeven, je moet wel een beetje van die stad houden om dit werk – dat overigens maar voor een deel is overgeleverd – spannend te vinden, maar gelukkig heeft Rome de harten van velen gestolen.
#5 Hieronymus – Vulgaat (ook wel: de bijbel)
Misschien wel het spannendste boek aller tijden, al was het alleen maar vanwege de impact die het zou hebben op de wereld, werd in de oudheid opgetekend. De Vulgaat (Editio Vulgata) is de bijbelvertaling van Hieronumus in het latijn van het volk, dat het mogelijk maakte voor veel meer mensen dan alleen de top van de (religieuze) elite om uit eerste hand kennis te nemen van de teksten in de bijbel.
Homerus = Troje = dat verhaal over dat paard. Niet echt, natuurlijk. In de Ilias, het grote werk van de Griekse schrijver Homerus, draait het niet perse om de Trojaanse oorlog en komt heel dat paard zelfs niet voor. Gelukkig waren schrijvers in de oudheid gewoon om, aan het begin van hun werk, aan te kondigen wat het onderwerp van hun schrijven zou worden. We kunnen Homerus dus zelf vragen waar de Ilias eigenlijk over gaat. Hij antwoordt met de openingszinnen van zijn werk:
‘Vertel, muze, vertel van de wrok van Achilles, Daar kwam voor de Grieken grote ellende uit voort. Naar Hades heen talloze helden.’*
Homerus roept de muzen aan, vraagt om inspiratie voor het werk dat voor hem ligt: een dichtwerk over de wrok van Achilles. Achilles, niet de Trojaanse oorlog, is het hoofdonderwerp van de Ilias. De wrok waarover wordt gesproken, ontstaat als Achilles het Trojaanse meisje Briseïs als oorlogsbuit opeist. Agamemnon, legerleider van de Grieken, misgunde en ontnam de krijgsheld zijn buit. Achilles, de grootste en meest strijdlustige held van de Grieken en de schrik van de Trojanen, trekt zich in wrok terug, zondert zich af en weigert nog mee te vechten. Op zo’n moment is er maar een ding dat je echt nodig hebt: een goede vriend.
Die had Achilles volgens de legende in Patroclos. Deze jongeman wilde niets liever dan vechten, maar plaatste vriendschap boven alles en bleef dus, met tegenzin, bij Achilles en daarmee weg van het strijdtoneel. De Grieken vochten ondertussen verder in de zich voortslepende oorlog met de Trojanen. Op een goed moment komen de Grieken, zo hoort Achilles, zodanig in de problemen, dat hij met zijn hand over zijn hart strijkt en zijn goede vriend Patroclos toestemming geeft om ze te hulp te schieten.
Als in een Shakespeariaanse tragedie treft het noodlot Achilles: juist Patroclos wordt in het heetst van de strijd gedood door Hector, de held van de Trojanen:
‘Duistere wanhoop omwolkte de ziel van Achilles. Met beide handen graaide hij in het grauwe stof en stortte het uit over zijn hoofd en besmeurde er het schone gezicht mee. (…) Antilochos van zijn kant greep al schreiende de handen van Achilles, die deerlijk snikkende anders misschien zich de dolk in de keel had gestoken.’

Menelaos houdt het lijk van Patroclos vast, Loggia dei Lanzi, Florence ©Curious Expeditions
Tegen zijn goddelijke moeder Thetis, die nu de dood vreesde van haar eigen zoon, die zeker op wraak gezind zou zijn, sprak Achilles de ontroerende woorden:
‘O moeder, het is waar, dat de Heer van de Olympos voor mijn welzijn veel deed, maar wat voor vreugde of voldoening kan daar nog voor mij in schuilen, want Patroclos is dood. Mijn liefste vriend was hij, mij liever dan wie ook der mannen verloor ik…’
Natuurlijk trok Achilles uiteindelijk, naar aanleiding van de moord op Patroclos, weer ten strijde. Hij zou, verblind door zijn immense verdriet, in een beroemd geworden waas van razernij de grote Hector doden, zijn lichaam achter de strijdwagen binden en het lijk drie triomfantelijke rondes lang om Troje heen slepen. Met de dood van Patroclos kwam dus tegelijkertijd het einde van de wrok van Achilles. De Ilias houdt dan ook na de wraakmoord op Hector op.
Het verhaal van de Ilias is niet een spannend verhaal over een groot paard met soldaten in de buik. Het is het verhaal van de wrok van Achilles, en van de onlosmakelijke band met zijn vriend Patroclos – het enige dat uiteindelijk sterk genoeg blijkt om de wrok te doen verdwijnen naar de achtergrond. In de categorie ‘you jump, I jump’ blijven de mannen elkaar steeds trouw, al druist het soms tegen hun eigen gevoel in. Met Homerus’ beschrijving van het onvoorwaardelijke kameraadschap tussen Achilles en Patroclos is misschien wel een van de mooiste en meest dramatische vriendschappen in de literatuur ontstaan.

Detail Menelaos in de Loggia dei Lanzi, Florence © Jason Pier
Het kan zijn dat je nog niet eerder van Patroclos had gehoord. De kans is groot dat je wel al eens voorbij hem bent gelopen. Op het levendige Piazza della Signoria in Florence, in de Loggia dei Lanzi, houdt Menelaos (de echtgenoot van de vrouw om wie de oorlog in eerste instantie was begonnen) al een paar eeuwen fier het gebeeldhouwde lijk omhoog van de gesneuvelde Patroclos. Aan zijn marmeren gezicht vallen twee zaken af te lezen: rouw om de dood van een strijdmakker, en angst voor de reactie van de man die de Grieken in zijn eentje de overwinning kon bezorgen, maar die zojuist zijn beste vriend had verloren: Achilles.
*De fragmenten zijn afkomstig uit de vertaling van de Ilias van Frans van Oldenburg Ermke.