geschiedenis

This tag is associated with 85 posts

Cursus mummiekisten repareren

Op dinsdag 4 juni kun je in het Rijksmuseum van Oudheden een seminar bijwonen over de restauratie van Egyptische mummiekisten. De bijeenkomst wordt georganiseerd in samenwerking met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en alle geïnteresseerden zijn welkom. Klik op deze link voor meer informatie.

Rijksmuseum-van-Oudheden

Foto: Rijksmuseum van Oudheden

Debuut op Ifthenisnow.nl

Vandaag verschijnt mijn eerste gastblog op Ifthenisnow.nl: ‘De eerste Nederlandse toeristen in Rome’. If then is now is een platform waar culturele erfenis en geschiedenis actief beleefd en gedeeld wordt; ‘Door het verleden (THEN) met het heden (NOW) te verbinden, biedt if then is now een inspirerende belevenis die je kijk op de wereld verandert.’ Lees hier het hele artikel!

Rome-Forum

Victor Hugo in spotprenten (anno 1849-1879)

Vandaag in het jaar 1885 overleed de grote Franse schrijver Victor Marie Hugo. Hij wordt gezien als een van de leiders van de romantische beweging en is vooral bekend van zijn grote roman Notre-Dame de Paris (De klokkenluider van de Notre Dame). Hugo was een groot schrijver van zowel proza als poëzie en toneel, maar daarnaast ook een geëngageerd politicus en idealist; hij werd verkozen tot de Académie française en sprak zich uit tegen zaken als de doodstraf en sociale ongelijkheid. Toen hij naar de smaak van keizer Napoleon III wat al teveel opriep tot verzet onder het volk, ging hij in ballingschap. ‘Et s’il n’en reste qu’un, je serai celui-là,’ werden zijn gevleugelde woorden als standvastige balling: ‘En als er nog maar een overblijft, dan zal ik diegene zijn’. Hugo zou inderdaad pas terugkeren naar Frankrijk toen Napoleon III was verslagen.

Victor Hugo zorgde tijdens zijn leven dus voor de nodige opschudding. Wie zijn mening uit, wordt bekritiseerd, maar waar die kritiek tegenwoordig vooral via Twitter wordt geuit, gebruikte men in de vorige eeuwen een wat verfijnder medium: de spotprent. Voor wie nog oren (ogen) heeft naar die verfijnde sociale media van weleer én ter ere van de sterfdag van Victor Hugo, vandaag vier spotprenten uit zijn eigen tijd;

Victor-Hugo-1

Karikatuur van Hugo door Honoré Daumier (1849)

 

Victor-Hugo-2

Karikatuur van André Gill over Hugo’s terugkeer uit ballingschap (1878)

 

Victor-Hugo-3

Karikatuur van de Hugo ‘Le Justicier’ door Alfred Lepetit (1878)

 

Victor-Hugo-3

Karikatuur van Zola die probeert Hugo van zijn voetstuk te halen (1879)

Florentijnse kunst van de middeleeuwen tot de renaissance

Sinds deze week kun je in Florence een bijzondere tentoonstelling bezoeken. Dal Giglio al David
Arte civica a Firenze fra Medioevo e Rinascimento in de Galleria dell’Accademia laat je kunstwerken zien die eens de publieke gebouwen van de republiek Florence sierden – kunst die regelrecht afkomstig is van de muren van de stadsbestuurders en de gildes. Door de kunstwerken te bekijken met in het achterhoofd hun originele context, krijg je een beter beeld van de rol die deze kunst speelde in de ‘communicatiestrategie’ van de republikeinse instellingen.

Florence-1

Antonio Benci (‘il Pollaiolo’), Hercules en de Hydra (1470)
Uit: Florence, Galleria degli Uffizi

 

Florence-2

Biagio d’Antonio Tucci, Allegorii van Vrouwe Justitia della Giustizia (1470-1475). Uit:
Florence, Galleria degli Uffizi

 

Domenico Benzi De armen die Siena zijn uitgezet da Siena worden opgevangen in Florence (1335-1347) Membranaceo;  Firenze, Biblioteca Medicea Laurenziana

Domenico Benzi
De armen die Siena zijn uitgezet da Siena worden opgevangen in Florence (1335-1347), Membranaceo;
Uit: Firenze, Biblioteca Medicea Laurenziana

 

Florence-4

Nardo di Cione (Firenze, doc. 1343-1365), Madonna op de troon met kind en de heiligen Zanobi, Giovanni Battista, Reparata e Giovanni Evangelista (1356)
Uit: Brooklyn, Brooklyn Museum

 

Tentoonstelling bezoeken
Dal Giglio al David
Arte civica a Firenze fra Medioevo e Rinascimento
t/m 08/12/2013
Galleria dell’Academmia, Florence
Klik hier voor meer informatie!

Het hert van Piazza S. Eustachio

*Dit is een aflevering in de serie Straatverhalen van Rome.*

 

Vlak achter het Pantheon in Rome bevindt zich een klein pleintje dat bekend staat om koffie. Dat wil zeggen, er bevindt zich een koffiebarretje met dezelfde naam als het pleintje (S. Eustachio), waar volgens velen de lekkerste koffiebonen van de stad worden gebrand en de beste espresso’s en ijskoffies geserveerd. Tot 1870 werd hier bovendien de beroemde fiera della Befana gehouden, voordat het naar Piazza Navona verhuisde. Tijdens die festiviteiten kwam heel Rome bijeen op het kleine plein. De beroemde koffiebar is uiteraard vernoemd naar het plein, maar waar het plein dan weer precies naar vernoemd is, weten maar weinig mensen.

De koffie van S. Eustachio

De koffie van S. Eustachio

Het hert van Piazza S. Eustachio
Wanneer een straat en een plein in Rome naar een heilige zijn vernoemd, betekent dat bijna altijd dat zich ergens in de buurt een kerk bevindt die gewijd is aan dezelfde santo. Dat klopt ook hier; Via en Piazza S. Eustachio zijn vernoemd naar de Basilica di S. Eustachio, in sommige historische documenten ook wel verkort als Sancto Stati. De kerk is gemakkelijk te herkennen: bovenop het dak zie je de karakteristieke kop van een hert, met op zijn hoofd niet alleen een gewei, maar ook een kruis.

De hertenkop verwijst naar het bijzondere verhaal van Eustachius, die ooit door het leven ging als Placidus. Toen Placidus, generaal in het leger van Trajanus in de vroege 2de eeuw, eens ging jagen in de heuvels bij Tivoli, stuitte hij op een hert met een gloeiend kruis in zijn gewei (volgens een andere versie van het verhaal zag hij het gezicht van Jezus de Verlosser, maar dat terzijde). Natuurlijk bekeerde de heiden Placidus zich na het zien van dit wonder tot het christendom; bij zijn doop nam hij de naam Eustachius aan. Toen enkele jaren later Hadrianus aan de macht kwam, werd hij door de nieuwe keizer veroordeeld vanwege zijn bekering tot het christendom en de daaruit voortvloeiende weigering de Romeinse goden te eren.

Hertenkop op de drempel van Bar S. Eustachio

Hertenkop op de drempel van Bar S. Eustachio

Eustachius, zijn vrouw en zijn kinderen werden letterlijk voor de leeuwen gegooid. Een tweede wonder gebeurde: de leeuwen durfden de vrome christenen niet aan te raken en wendden hun koppen zelfs van ze af. Het leek de keizer gepast om de hele familie dan maar levend te koken in een grote bronzen ketel. Hoewel ze in de ketel stierven, bleken hun lichamen bij het opruimen van de boel helemaal intact gebleven.

De kleine christengemeente in Rome eerde de herinnering aan Eustachius en de wonderen die waren geschied door een heilige plaats op te richten op de plaats waar zijn huis had gestaan. Later, rond 1200, richtte Celestinus III precies op die plek een kerk op; de Basilica di S. Eustachio. De klokkentoren die je nu nog links van de (17de-eeuwse) façade kunt zien dateert uit die vroege periode. Wie goed kijkt, ziet dat de onderste ramen in de toren zijn dichtgemetseld; dat zijn ze al sinds de 17de eeuw, al weet niemand waarom.

Het visioen van S. Eustachius, door Pisanello (1436)

Het visioen van S. Eustachius, door Pisanello (1436)

In de loop der eeuwen werd de Basilica di S. Eustachio meerdere keren gerestaureerd. De hertenkop werd gemaakt door Paolo Morelli aan het begin van de 17de eeuw, natuurlijk refererend aan het visioen van Eustachius. Achter de ijzeren hekken die de porticus afsluiten zijn een aantal oude inscripties te vinden. Binnen in de kerk wordt een urn bewaard met daarin de overblijfselen van Eustachius en zijn gezin. Ook op het baldakijn bij het altaar vind je het hert terug.

De oudste universiteit en de kamerheer van Farnese

De top van de S. Ivo alla Sapienza, gezien vanaf Piazza S. Eustachio

De top van de S. Ivo alla Sapienza, gezien vanaf Piazza S. Eustachio

Eeuwenlang diende de S. Eustachio als een soort bijgebouw van het palazzo van de Sapienza, de universiteit van Rome die al in 1303 werd opgericht. Bij diezelfde universiteit hoorde een kapel, de Sant’Ivo alla Sapienza, vanaf het Piazza S. Eustachio te herkennen aan het ongewone, wervelende kerktorentje dat wel wat weg heeft van taart. Tot 1570 werden de diploma’s van de Sapienza-studenten uitgereikt in de Basilica di S. Eustachio.
Op de gevel van de S. Eustachio vind je (links, op de hoek met Via di S. Eustachio), net als in de binnenhof van de Sant’Ivo alla Sapienza, een plaquette ter herinnering aan een van de meest hevige overstromingen van de Tiber, in 1495.
Speciale vermelding verdient ook het huis van Tizio di Spoleto aan Piazza S. Eustachio; het beschilderde palazzo op de hoek met Via della Palombella. Tizio was de kamerheer van Alessandro Farnese aan het einde van de 16de eeuw. De fresco’s die de buitenmuren sieren zijn gemaakt door Taddeo Zuccari en dankzij recente restauraties in goede staat.
Romeins restje
Vlak voordat je het plein verlaat via de Via degli Staderari, zie je nog een fontein met een oud Romeins bassin. Het gigantische marmeren waterbekken werd, in acht stukken, in 1985 gevonden bij opgravingen in een aantal nabijgelegen palazzi. Archeologen concludeerden dat het ooit onderdeel moest zijn geweest van een thermengebouw dat tijdens het bewind van keizer Nero werd gebouwd (rond het jaar 62; tot het badhuis behoorden ook de twee gigantische zuilen die je nog kunt zien in Via S. di Eustachio).

 

 

De geschiedenis van tafelmanieren

De Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam krijgen een bijzonder historisch cadeau van het echtpaar Heijting uit Amsterdam: meer dan 2000 kook-, huishoud- en etiquetteboeken uit de negentiende en vroege twintigste eeuw. De verzameling wordt morgen overgedragen aan de Bijzondere Collecties.

‘Een geweldige aanwinst die een welkome aanvulling vormt op de bestaande gastronomische collectie’, aldus conservator Joke Mammen. ‘Tafelmanieren en etiquetteleer vormen een belangrijk onderdeel van de geschiedenis van de eetcultuur in de Lage Landen.’

Boek- en kerkhistoricus Willem Heijting – voormalig adjunct-directeur van de Universiteitsbibliotheek van de Vrije Universiteit van Amsterdam – en zijn echtgenote Coby Heijting-Klein zijn hun verzameling gestart in de jaren zestig van de vorige eeuw. Het echtpaar bracht een uitgelezen collectie samen met vele zeldzame uitgaven over etiquette of met huishoudelijke raadgevingen, zoals de eerste druk van Het A.B.C. der huishouding uit 1901 en handgeschreven receptenboeken.

Ter gelegenheid van de overdracht vindt op donderdag 16 mei bij de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam een minisymposium plaats over de geschiedenis van de Nederlandse eetcultuur.

Collectie Heijting. Foto: Bijzondere Collecties UvA

Collectie Heijting. Foto: Bijzondere Collecties UvA

Collectie Heijting. Foto: Bijzondere Collecties UvA

Collectie Heijting. Foto: Bijzondere Collecties UvA

Collectie Heijting. Foto: Bijzondere Collecties UvA

Collectie Heijting. Foto: Bijzondere Collecties UvA

Collectie Heijting. Foto: Bijzondere Collecties UvA

Collectie Heijting. Foto: Bijzondere Collecties UvA

Collectie Heijting. Foto: Bijzondere Collecties UvA

Collectie Heijting. Foto: Bijzondere Collecties UvA

Bijzondere Collecties bezoeken
De Bijzondere Collecties bevinden zich aan de Oude Turfmarkt 129 in Amsterdam, tegenover de Munttoren.
Openingstijden tentoonstellingsruimte: di-vrij 10.00-17.00, za 13.00-17.00.
Toegangsprijs: € 7,50

10 best history apps

Geschiedenis is toegankelijker dan ooit. Hoe precies? ‘When it comes to bringing the past alive, your iPhone and iPad are the perfect tools for the job.’ Bekijk de 10 beste geschiedenis apps volgens Techradar.

History-apps

App Virtual History – Roma (foto: Techradar.com)

Europese en Aziatische talen één?

Volgens Britse wetenschappers stammen zowel Europese als Aziatische talen uiteindelijk af van een zelfde, oeroude taal, die werd gesproken aan het einde van de laatste IJstijd. Dat meldt The Guardian deze week. Lees hier het hele artikel.

Piazza Augusto Imperatore: niemandsland in Rome

*Dit is een aflevering in de wekelijkse serie ‘Straatverhalen van Rome’.*

‘Degrado e abbondono’ (aftakeling en verlating), ‘terra di nessuno’ (niemandsland): de Italiaanse krant Corriere della Sera liegt er niet om. In een artikel van maart van dit jaar concludeert een journalist dat er van de goede bedoelingen – een wandelgebied creëren, de ‘groene zone’ rond Augustus’ mausoleum herinrichten – voor Piazza Augusto Imperatore in het centrum van Rome weinig terecht is gekomen. Uitstel, geen afstel, zeggen de autoriteiten. Maar de voorziene kosten van ongeveer 17 miljoen euro in combinatie met de nog altijd toenemende economische crisis lijken nu toch vooral op dat laatste te wijzen.

Het mausoleum van Augustus op Piazza Augusto Imperatore. Foto: Wikimedia

Het mausoleum van Augustus op Piazza Augusto Imperatore. Foto: Wikimedia


Een vierkant plein
Misschien ben je er wel eens geweest; het wat vreemde, vierkante plein dat ingeklemd ligt tussen de Tiber en de drukke Via del Corso. In dat geval zul je waarschijnlijk denken dat het niet meer dan terecht is dat men niet nog eens 17 miljoen investeert in dit nogal onooglijke plein, met in het midden een verwaarloosde ruïne als bedorven kers op een ingestorte taart. Zoals altijd zit ware schoonheid echter van binnen. Om een eerlijk oordeel te kunnen vormen over de herstructureringsplannen, staat in de serie Straatverhalen van Rome vandaag Piazza Augusto Imperatore centraal – het Plein van Augustus de Imperator.

Bevrijd de monumenten!
Het is 21 April, 1924. Benito Mussolini spreekt op het Campidoglio-plein over ‘de problemen van Rome’. De grandeur van het antieke Rome moest weer zichtbaar worden door middel van de liberazione (bevrijding) van de monumenten uit de oudheid. Zo groots was het nieuwe Italië van Mussolini dat de hoofdstad in ere hersteld moest worden. De parallel met de macht van het oude Rome moest letterlijk zichtbaar zijn in de straten van de stad; de belangrijkste monumenten uit die tijd moesten daartoe worden ontdaan van ‘latere toevoegingen’ zodat ze ‘opnieuw onthuld’ werden. Want, zo meende Mussolini, voor het eerst sinds Augustus was Italië weer zo groot als het oude Rome. Natuurlijk koos hij daarbij precies die elementen uit de geschiedenis van Italië die het best ingezet konden worden om zijn eigen politiek/ideële boodschap te ondersteunen. De oude stenen van de stad kregen in hun nieuwe verband een nieuwe betekenislaag, die meer inzicht biedt in de sociale, politieke en maatschappelijke processen van Mussolini’s tijd dan in die van de oudheid.

De 'bevrijding' van Augustus' mausoleum en de aanleg van Piazza Augusto Imperatore (1936). Foto: Roma Sparita

De ‘bevrijding’ van Augustus’ mausoleum en de aanleg van Piazza Augusto Imperatore (1936). Foto: Roma Sparita

Een plein wordt geboren
Mussolini’s ideeën materialiseerden zo in het straatbeeld van Rome. Een van de belangrijkste en meest ingrijpende ‘bevrijdingsprojecten’ was de creatie van Piazza Augusto Imperatore. Waar nu het plein ligt, bevond zich nog geen 100 jaar geleden een dichtbevolkte woonwijk. De wirwar van straten en huizen kon echter niet aan Mussolini’s oog onttrekken dat zich hier een paar van de belangrijkste herinneringen schuilhielden aan zijn grote voorbeeld en inspiratie: keizer Augustus (27 v.Chr. – 14 n.Chr.). Overwoekerd door onkruid en begroeing stond hier, allereerst, Augustus’ laatste rustplaats, zijn mausoleum. Daarnaast: de Ara Pacis (Vredesaltaar), een van de symbolische hoogtepunten van het bouwprogramma van de Romeinse keizer.

Propagandamachine
27 jaar voor het begin van onze jaartelling slaagt Gaius Iulius Caesar Octavianus erin alle macht in Rome naar zich toe te trekken. Om zijn positie verder veilig te stellen – Rome is van oudsher een republiek en wars van despoten en alleenheersers – heeft Augustus een uitgebreide propagandamachine in het leven geroepen. Kunst en cultuur bloeiden op onder zijn bewind, niet alleen omdat er vrede in het rijk was en de welvaart letterlijk vanuit de veroverde gebieden bleef toestromen, maar ook omdat de keizer verschillende kunstvormen gebruikte voor zelfverheerlijking en daarmee een stimulans gaf aan de ontwikkeling ervan. Beroemd is de uitspraak van Suetonius dat Augustus Een stad van baksteen aantrof, en er een van marmer achterliet’. Het uitgebreide bouwprogramma voor Rome droeg bij aan de propaganda van de keizer.

De locatie van Augustus' mausoleum in het oude Rome (rode stip). Foto: Wikimedia

De locatie van Augustus’ mausoleum in het oude Rome (rode stip). Foto: Wikimedia

Na enkele militaire overwinningen in Gallië en Spanje keerde Augustus terug naar Rome. Hij had de rust in het hele rijk hersteld, wat zijn populariteit bij rijk en arm vergrootte. Daarom was het een slimme zet de door hem gebrachte vrede, de Pax Romana, zoveel mogelijk te gebruiken in zijn propaganda. Ter ere van de vrede liet hij de Ara Pacis (letterlijk: Altaar van de Vrede) bouwen. Het altaar, ingewijd in 9 v.Chr., zou een lofzang worden op de vrede en welvaart die Augustus het Romeinse rijk had gebracht. Deze boodschap werd verhuld in prachtige symbolische en mythologische reliëfs, die alle zijden van het altaar sierden.

De Ara Pacis stond niet op zichzelf. Het maakte deel uit van een groter bouwproject, dat Augustus op deze plek realiseerde. Hij liet hier ook zijn mausoleum, zijn eigen grafmonument, neerzetten en gaf opdracht tot de bouw van een zogenaamd horologium: een soort reusachtige klok in de vorm van een lange hoge obelisk. De tijdmeting gebeurde aan de hand van de schaduw van die pilaar, die als de wijzer van een klok over de omgeving viel.

9 blokken marmer
Augustus’ monumenten raakten in de eeuwen na de oudheid in de vergetelheid. Maar dan koopt een zekere kardinaal Giovanni Ricci uit Montepulciano – we zijn inmiddels in de 16de eeuw beland – negen blokken marmer op. Wat hij op dat moment niet wist, was dat zijn marmerblokken afkomstig waren van het vredesaltaar van keizer Augustus. Giovanni heeft nooit van zijn ‘vondst’ geweten: het zou nog eeuwen duren voordat de herkomst aan het licht kwam.

In 1859 kwamen, bij werkzaamheden in het Palazzo Peretti in Rome, fundamenten van het vredesaltaar aan het licht. Talloze fragmenten werden opgegraven en vonden direct een weg naar privéverzamelingen en musea over de hele wereld. Sommige delen werden verkocht aan de Galleria degli Uffizzi in Florence, andere aan het Louvre in Parijs. Pas in 1903 zouden alle brokstukken definitief herkend worden als behorend tot de beroemde Ara Pacis, dankzij de Duitse archeoloog Friedrich Von Duhn.

De fascisten grijpen in
Nu vond ook de Italiaanse overheid het tijd voor een officiële opgraving. Toen men ongeveer de helft van het monument had blootgelegd bleken de omstandigheden van de opgraving toch te complex: men staakte de operatie. Pas onder het fascistische bewind, in 1937, werd besloten, om de hierboven genoemde redenen, om de opgraving weer op te pakken. Maar dan groots.

Mussolini wilde het mausoleum van Augustus in oude glorie herstellen en veegde hiervoor een complete Romeinse stadswijk van de kaart. Ook de Ara Pacis moest opnieuw worden opgebouwd en hier worden geplaatst. Waar is hier? Het gloednieuwe Piazza Augusto Imperatore.

Tussen juni en september 1938 maakte architect Ballio Morpurgo alles gereed om de Ara Pacis opnieuw op te bouwen. Er werd een verhoging aangebracht waar het vredesaltaar op moest komen te staan, en een overdekking in de vorm van een portico moest beschutting bieden tegen regen en wind. Voor de gelegenheid werd de complete tekst van de Res Gestae, een beroemde inscriptie met daarop het publieke ‘testament’ van keizer Augustus, op een muur aangebracht. De (her)inauguratie van het monument werd, om de symboliek mooi af te ronden, gehouden op 23 september, de geboortedag van Augustus.

PAI-2

Morpurgo’s behuizing voor de Ara Pacis. Foto: Conoscere il bello

De rest van het plein werd geconstrueerd rondom het vervallen en door begroeiing overwoekerde mausoleum van Augustus. De galerijen die aan drie zijden rond het plein werden aangelegd, zijn typische voorbeelden van de strenge fascistische architectuur en werden versierd met reliëfs die dezelfde ideologie ondersteunden. Zoals gezegd werden voor het project alle bestaande woningen zonder al te veel scrupules van de kaart geveegd. De twee kerken mochten blijven staan en zijn in de plannen voor Piazza Augusto Imperatore geïntegreerd. Alle inspanningen ten spijt, raakten de monumenten die de glorie van het Rome van Augustus in herinnering moesten brengen, na het fascistische tijdperk ernstig in verval. Piazza Augusto Imperatore werd een verloederde plek, waar je zeker in de avonduren maar beter weg kon blijven. Had Augustus zich in zijn graf om kunnen draaien, dan had hij rondom voornamelijk zicht gehad op zwervers, prostituees en verslaafden. Een weinig keizerlijk uitzicht.

Pax Americana
Halverwege de jaren 90 van de vorige eeuw bleek dat uitlaatgassen en temperatuurstijgingen de Ara Pacis ernstig in gevaar hadden gebracht. In 1995 besloot de gemeente Rome dat het tijd was om de behuizing van de Ara Pacis, Morpurgo’s portico, te vervangen door een fatsoenlijk onderkomen.

Wat uit noodzaak werd geboren, werd een belangrijke en symbolische nieuwe stap in het bouwprogramma van Rome – alweer. De opdracht voor het ontwerp van de nieuwe behuizing ging naar Richard Meier, een beroemd Amerikaans architect.
De toenmalige burgemeester Rutelli, verantwoordelijk voor het project, wist dat de keuze voor een niet-Italiaanse architect met een voorkeur voor moderne, strakke, transparante constructies niet onopgemerkt voorbij zou gaan. Rome wordt toch, als ‘bakermat van de westerse beschaving’, een beetje beschouwd als erfgoed van iedereen. Daar kwam nog bij, dat er sinds Mussolini in het centrum van Rome niet één nieuw gebouw meer was gebouwd. Nu werd het symbool van de Pax Romana onder handen genomen door een vertegenwoordiger van de Pax Americana. Natuurlijk zou er kritiek komen.
Toch staat het ‘benzinestation’ – de weinig flatteuze bijnaam van het nieuwe Ara Pacis Museum – alweer jaren fier overeind. Maar met de plannen voor de rest van Piazza Augusto Imperatore is het, zoals de Corriere della Sera meldde, er bedroevend voor.

Piazza Augusto Imperatore, zoals het er in 2014 uit zou moeten zien. Foto: Urban File

Piazza Augusto Imperatore, zoals het er in 2014 uit zou moeten zien. Foto: Urban File

Il grande imperatore
Volgend jaar herinnert Rome de tweeduizendste sterfdag van de keizer die baksteen in marmer veranderde – Augustus stierf op 19 augustus in 14 n.Chr. in het plaatsje Nola. Lilli Garrone, de journalist van de Corriere della Sera, gelooft er niet meer in en schaamt zich nu al voor het beeld dat de wereld voorgeschoteld zal worden – zoals zo vaak gebeurt zal Rome (Italië) volgens imagoschade lijden wanneer de wereld ziet hoe er wordt omgegaan met ‘la tomba del grande imperatore’.


De schaamte voorbij
Garrone representeert, denk ik, een grote groep Italianen wanneer ze spreekt van schaamte op het internationale toneel. Om dat voor te zijn, benadrukt ze maar vast dat ze zichzelf terdege bewust is van de ‘grootsheid’ van het verleden en het belang van de tombe. Daarmee plaatst ze zichzelf midden in het, uiteraard subjectieve, debat dat vooral gericht is op het historische belang van deze plek in Rome. Haar oproep is daarmee echter helaas aan een almaar dalend groepje toehoorders gericht. Helaas, maar ook begrijpelijk – Europa in het algemeen en Italië in het bijzonder maken een geweldige crisis door en alle uitgaven moeten meer dan ooit publiekelijk worden verantwoord.

Wellicht zou het daarom beter zijn als het genoemde ‘internationale toneel’, vanwaar de spelers vooral van comfortabele afstand verwijtend wijzen of honend lachen om wat er allemaal gebeurt in het land dat wij beschouwen als de bakermat van ‘onze’ beschaving, meer nadacht over een constructieve bijdrage aan het debat. Een bijdrage die niet gebukt gaat onder schaamte en lijmpogingen van een gebroken imago. Want misschien is het wel zo dat Piazza Augusto Imperatore in Rome niet van de ondergang gered moet worden vanwege de tombe van een man die het totalitarisme zo wat uitvond. Misschien is het zo dat er in Europa bijna geen enkele plek bestaat waar de loop van duizenden jaren geschiedenis zo nauw verweven is met stadsplanning en stedelijke architectuur. En misschien dat er daarom, filosofisch gezien, over hoe wij mensen leven in en uiting geven aan onze stedelijke omgeving, veel grotere inzichten te behalen vallen op deze plek in ‘ons’ Europa.

De hangende tuinen van Babylon

Stephanie Dalley, historicus van Oxford University, meent een opmerkelijk feit te hebben aangetoond over de beroemde hangende tuinen van Babylon; ze lagen niet in Babylon. Dat meldde The Independent althans onlangs in een online artikel. De theorie die Stephanie Dalley beschrijft – dat het monument door de Grieken is geplaatst in de verkeerde stad – heeft volgens Jona Lendering echter helemaal geen nieuwswaarde. De theorie is zelfs al weerlegd: het monument heeft simpelweg nooit bestaan.

Nominaties

Orpheus kijkt om werd in 2012 genomineerd voor een Travvies Award en voor de Geschiedenis Online Prijs.

Laatste tweets

Op de hoogte blijven? Laat je mailadres achter en ontvang de nieuwsbrief!

Join 884 other followers

Onlangs besproken:

Verjaardag