Na twee weken reizen door Puglia en Toscane is het deze week heerlijk ‘thuiskomen’ in Rome. Vanaf vandaag ben ik weer even in de eeuwige stad, waar ik me bijna net zo thuis voel als in mijn eigen woonplaats. Zodanig dat ik nog weleens jaloers ben op wie hier voor het eerst komt: zoals met alle liefdes krijg je die overdonderende eerste indruk nooit meer helemaal terug.
Ga je voor het eerst naar Rome? Dan is een wandeling langs een aantal hoogtepunten van het oude Rome natuurlijk een must. Onderstaande route kun je, afhankelijk van of je de musea en monumenten onderweg wel of niet binnengaat, in een halve of hele dag doen: Capitool, Forum Romanum en Colosseum.
> 1 STARTPUNT: CAPITOOL
Rome is gebouwd op zeven heuvelen. Een van die heuvels moet dus de eerste zijn geweest. Dat was het Capitool, De laatste koning van Rome, Tarquinius Superbus, liet precies daar in 509 v.Chr. een grote tempel voor Jupiter bouwen. Volgens de legende was dat ook het jaar waarin onder leiding van de aristocraat Lucius Junius Brutus een opstand uitbrak, die uiteindelijk resulteerde in het ontstaan van de republiek Rome (met consuls in plaats van een koning).
Om te zien wat er nog rest van die allereerste tempel van Rome moet je een bezoek brengen aan de Capitolijnse Musea. Wandel de trap op en steek Michelangelo’s Piazza del Campidoglio over om de ingang te bereiken. Vergeet binnen niet, als je alles hebt gezien, via een zijgang van de ondergrondse Galleria Lapidaria naar het oude Tabularium lopen, vanwaar je een prachtig uitzicht over het Forum Romanum hebt.
> 2 VERVOLG: FORUM ROMANUM

Eigenlijk is het een wonder dat het Forum Romanum, het politieke, maatschappelijke en culturele centrum van het oude Rome, zo goed bewaard is gebleven. Het ligt ten slotte in het hart van een wereldstad die al meer dan 2000 jaar bewoond continue bewoond en uitgebreid wordt. Na de val van het (West-)Romeinse rijk, in de middeleeuwen, was het forum verworden tot een verlaten vlakte, een graasveldje voor koeien. Campo vaccino, het koeienveld, was de bijnaam geworden. Pas in de 19de eeuw werd begonnen met het opgraven en in kaart brengen van de overgroeide ruines. Giacomo Boni, de leidinggevende archeoloog, maakte zich er hard voor dat het Forum Romanum werd aangewezen als een beschermd archeologisch park. Wandel van de Boog van Septimius Severus langs de resten van alle monumenten naar de Boog van Titus en waan je even in het Rome van Caesar en Cicero.
> 3 EINDPUNT: COLOSSEUM
Wanneer je onder de Boog van Titus door bent gelopen sta je oog in oog met een van de meest beroemde gebouwen ter wereld: het Colosseum. Het amfitheater was voornamelijk bedoeld voor spektakelstukken als gladiatorenspelen en openbare executies en werd in opdracht van keizer Vespasianus gebouwd in de jaren ’70 na Christus. Deze Flavische keizer toonde zich graag een man van het volk en liet het Colosseum (Amfiteatrum Flavium) bouwen precies op de plek waar het exorbitante paleis van zijn voorganger Nero had gestaan. Het was de eerste permanente, stenen arena van Rome – voor die tijd werden tijdelijke stellages van hout gebruikt – en uiteraard het grootste in heel het rijk.
Lees hier nog veel meer Rome-tips, die eerder verschenen op Orpheus Kijkt Om!
Rome is overdag al een openluchtmuseum, maar ‘s avonds, wanneer de zon onder is, dompelt de stad zich onder in een mysterieuze sfeer die niet met woorden te omschrijven valt. Het is mij eveneens nooit gelukt om die sfeer op foto vast te leggen, maar anderen wel. Gelukkig delen zij hun prachtige foto’s met de rest van de wereld. Ben je binnenkort in Rome? Vergeet dan niet een Rome-by-night-wandeling te maken, zodat je dit niet mist…

De koepel van de Sint Pieter, © Kardosbalint

Het Pantheon, © Robie06

Het Colosseum, © Isriya

De Zuil van Trajanus, © David Theu

Piazza della Rotonda, © Aidan McMichael

De Tiber, © Sitron

De Engelenburcht, © Sitron

Het Forum Romanum, © JRM Tomburg
41. San Giovanni in Laterano | Groot, groter, grootst; de San Giovanni in Laterano blaast je alleen al vanwege de enormiteit van alles (de deuren, de zuilen, de beelden) van je sokken.
42. Santa Maria Maggiore | Het enige overgebleven stukje hout van de kribbe van Jezus, je kunt het zien in de Santa Maria Maggiore, vlak bij het station van Rome.

Basilica di Santa Maria Maggiore
43. Pietà van Michelangelo | Het is vaak even dringen tussen de Japanners, maar de Michelangelo’s Pietà in de Sint Pieter moet je gezien hebben.
44. Engelenburcht | De weg naar boven is wat nietszeggend, maar bovenop de Engelenburcht kun je het beeld van de engel met het zwaard bijna aanraken en geniet je bovendien van een heel mooi uitzicht.
45. Chiesa Nuova | Pietro da Cortona en Peter Paul Rubens onder een dak: daarvoor moet je naar de Chiesa Nuova, in de buurt van Piazza Navona.
46. Campo de’ Fiori | De markt is wat toeristisch geworden, maar een keer een glas wijn drinken aan het beroemde Campo de’ Fiori is toch wel een must…
47. Villa Farnesina | Onder de mooiste schilderingen die je waar dan ook in Rome zult vinden, vallen de prachtige werken die Rafael achterliet in de Villa Farnesina.

Villa Farnesina
48. Apollo en Daphne | Berini liet zijn marmeren handtekening overal in de stad achter, maar een van de meest indrukwekkende nalatenschappen is het ontroerende beeld van Apollo en Daphne, in de Galleria Borghese.
49. Bruno’s beeld | Het beeld is misschien niet het meest indrukwekkende stukje sculptuur dat je ooit hebt gezien, maar het is het verhaal erachter dat telt, en dat wel degelijk indruk maakt…
50. Forum Boarium | Een verzameling Romeinse tempelresten, vlak bij de Santa Maria in Cosmedin, die een stukje van de minder bekende geschiedenis van het oude Rome vertellen.
51. San Paolo Fuori Le Mura | Buiten de muren, zoals de naam al zegt, bevindt zich nog een geweldig indrukwekkende kerk gewijd aan Paulus.
52. De catacomben aan de Via Appia | Of je nu die van Callisto of die van San Sebastiano bezoekt; de ervaring van een bezoek aan een van de ondergrondse begraafplaatsen is een bijna verplichte stop langs de Via Appia.
53. Galleria Doria Pamphilj | Het museum in dit palazzo van de beroemde Romeinse familie Doria (die in de achttiende eeuw vanuit Genova naar Rome kwamen en het palazzo nog altijd bewonen) worden regelmatig geweldige tentoonstellingen georganiseerd.
54. Via del Governo Vecchio | De sfeer van de wijk Parione, rondom Piazza Navona, snuif je pas echt goed op tijdens een wandeling door de Via del Governo Vecchio.

Via del Governo Vecchio
55. Testaccio, de Schervenberg | Niets minder dan een pot goud voor archeologen; een berg die bestaat uit miljoenen Romeinse potscherven, afkomstig van amforen die hier kapot werden gesmeten omdat ze niet meer nodig waren.
56. De Sinaasappeltuin | Groene oase op de Aventijn, waar je even kunt uitblazen en bovendien wordt getrakteerd op een geweldig uitzicht.
57. Sant’Agostino | Ook Rafael en Caravaggio kun je in Rome onder een dak vinden, namelijk in de Sant’Agostino in de buurt van Piazza Navona.
58. De resten van de oudste tempel op het Capitool | De republiek Rome werd in het leven geroepen met de wijding van een tempel op de Capitolijnse heuvel. De resten van deze oude tempel kun je in de Capitolijnse Musea nog steeds bewonderen.
59. Via Sacra | Het Forum Romanum verken je het beste al wandelend over de Via Sacra, in de voet- en karrensporen van Julius Caesar, Augustus en andere grote Romeinen.
60. Titus’ boog | Hoe reliëfs kunnen spreken, ontdek je onder de boog van Titus. Volg het verhaal van de verovering van de tempel van Jeruzalem, afgebeeld in verschillende scènes.
Morgen volgt deel vier van de top 100!
Onder de titel ‘Zo heb je het Colosseum nog niet eerder gezien’ schreef ik al eerder een stukje over Rome Reborn, een initiatief van de universiteit van Virginia met als doel het creëren van driedimensionale modellen die ons een inkijkje geven in de urbane ontwikkeling van het oude Rome. Dit stukje zou ik dezelfde titel kunnen geven, ware het niet dat je zoveel meer uit het Rome van ca. 320 na Christus dan alleen het Colosseum de revue ziet passeren, op een manier die je nog niet eerder zag.
Heb je een paar minuten over? Wat dacht je ervan om even, 5 minuten lang, zo’n tweeduizend jaar terug in de tijd te wanen? Om vanaf een soort vliegend tapijt over het Rome van toen te vliegen, van het Circus Maximus via de drukke straatjes en steegjes naar het Pantheon? Waarom zou je? Dat zal ik nog even toelichten.

Ontelbare keren heb ik van mensen die naar Rome gingen gehoord dat ze het Forum Romanum heus wel ‘indrukwekkend’ vonden, maar dat ze zich zo moeilijk konden voorstellen hoe het geweest moet zijn in de hoogtijdagen van het oude Rome (waarmee ze eigenlijk zeggen dat ze de chaotisch verspreide stenen en ruïnes toch niet zo heel erg indrukwekkend vonden). Wie zich hierin herkent (wie dat niet doet eigenlijk ook) moet de 5 minuten durende vlucht door Rome AD 320 zeker even nemen door onderstaand filmpje te bekijken. En de vlucht uitzitten, want pas na rond de 4:25 bereik je het Forum Romanum!
‘Ik ben mij ervan bewust dat het verhaal niet alleen oud is, maar ook overbekend’, schreef de Romeinse Livius in het voorwoord van zijn boek Sinds de stichting van de Stad.
Dat gaat natuurlijk (nog steeds) op: we kennen het verhaal van de tweeling die te vondeling werd gelegd, in een mandje in de rivier: ‘Het verhaal gaat dat, toen het water zakte en de drijvende mand waarin de jongetjes lagen op het droge achterliet, een wolvin uit de omringende heuvels, die haar dorst wilde lessen, op het gehuil van de kinderen afkwam en ze liefderijk heeft gezoogd.’ Dat het niet goed afliep tussen de broers weten we ook. Op een bepaald moment, ‘maakte zich het verlangen van Romulus en Remus meester om een stad te stichten op de plaats waar ze te vondeling waren gelegd en opgevoed.’
Maar toen kwam er iets tussen wat hun plannen verstoorde: door hun heerszucht, een voorvaderlijke karakterfout, ontstond uit een tamelijk onschuldige aanleiding een afschuwelijke ruzie. (…) Er ontstond een heftige woordenstrijd die, toen de woede hoger en hoger oplaaide, eindigde in moord en doodslag; in dat tumult werd Remus dodelijk getroffen. Beter bekend is het verhaal dat Remus, om zijn broer te plagen, over de nieuwe muren sprong en dat Romulus hem in woede daarover doodde, terwijl hij hem toeschreeuwde: ‘Zo zal het voortaan iedereen vergaan die over mijn muren springt!’
Het was die dag, net als vandaag, 21 april, en het was het jaar 753 voor Christus. Zo wil althans de overlevering en de stad Rome, die vandaag uitbundig haar verjaardag zal vieren.
Legende of leugen?
Heeft Livius alles verzonnen? Hij baseerde zijn boek, naar eigen zeggen, op oudere auteurs, zoals de zogenaamde annalisten. Vaak nam hij een van hen als uitgangspunt en gaf dan aan het eind van een episode enkele varianten die hem het vermelden waard leken (zoals ook bij de dood van Remus). Hij bagataliseert de waarde van zijn woorden wel een beetje, door te erkennen ‘dat er steeds weer nieuwe schrijvers komen die menen dat zij feiten kunnen aandragen uit nog betrouwbaarder bron, of geloven dat zij met hun stilistische vaardigheid hun primitievere voorgangers zullen overtreffen.’ Door dit stukje te schrijven over de stichting van Rome, schaar ik me natuurlijk zelf in dit door Livius aangehaalde lijstje, zoals hij zelf ook deed, maar ach, zoals hij het zelf ook even goed verwoord: ‘als in een zo groot gezelschap van schrijvers mijn faam verduisterd wordt, dan zullen de luister en de grootheid van hen die mijn naam in de schaduw stellen mij tot troost zijn.’
Het echte verhaal
Romeinen waren trotse mensen, die voor zichzelf natuurlijk graag een duidelijke, heldhaftige en onafhankelijke geschiedenis schreven. Maar Rome was, die 21e april in 753 voor Christus, geen eiland.
Rome maakte onderdeel uit van een regio die Latium heette of althans werd bewoond door een ‘stam’ die bekend stonden onder de naam Latijnen. In de achtste eeuw waren er verschillende andere Latijnse stadjes-in-wording in dit gebied aanwezig. In wat later Rome zou worden was in deze tijd volgens Livius een zekere Ancus Martius koning, die al begon het territorium van de nederzetting wat uit te breiden. Maar er is nog een ander volk dat een stempel drukte op de geschiedenis van Rome, en dat waren de Etrusken. Zij leefden iets ten noorden van Rome, in het huidige Toscane, en hadden een confederatie gevormd van 12 ‘steden’, of centrale nederzettingen. Het waren gouden tijden voor de Etrusken: ze hadden een levendig internationaal handelsnetwerk weten te bewerkstelligen over het hele Middellandse Zeegebied, toen men in Rome nog maar net begonnen was met het leefbaar maken van het moerassige dal tussen de heuvels Capitool en Palatijn; het huidige Forum Romanum. De vroege heersers van Rome begonnen groter de denken en bouwden tempels en andere openbare bouwwerken. En juist die vroege heersers, althans de laatste paar koningen, die het Latijnse stadje regeerden, dat waren Etrusken.
Uiteindelijk kun je niet zeggen dat de Etrusken de voorlopers waren van de Romeinen, en is de discussie wie er eerder was ook helemaal niet zo interessant. Etruskische en Romeinse (bouw)kunst wortelen beide in weer oudere tradities, zowel van het Italisch schiereiland als van overzee. Maar een groot aantal sociale en religieuze ‘overblijfselen’ van de Etrusken leefden door of beleefden een ‘herstart’ in de Romeinse way of living, die een groot deel van de wereld eeuwenlang zou beheersen.
Romeinen toen en nu
Geschiedschrijving en archeologie laten zien hoe nauw de band was tussen Rome en Etrurië in de periode van het ontstaan van de stad aan de Tiber. Maar als je op een willekeurige dag in het oude Rome, wandelend over het Forum Romanum, een Romein zou aanspreken en hem vragen naar de stichting van de stad, dan zou hij je vertellen van de wolvin, van Remus en van Romulus, al wijzend naar de verderop gelegen zwarte steen waaronder de grote stichter begraven zou zijn. En de Romeinen van nu? Die doen nog een extra duit in het zakje van Livius; zij organiseren vandaag een levendige spektakelshow waarin ze het verhaal van Romulus en Remus weer tot leven brengen.
De fragmenten uit Livius zijn afkomstig uit:
Livius, Sinds de stichting van de Stad
Vertaald door H.W.A. van Rooijen-Dijkman en
F.H. van Katwijk-Knapp
Athenaeum – Polak & Van Gennep
De Dioscuren, de zonen van Zeus, werden ze ook wel genoemd. In werkelijkheid was slechts een van de twee broers van goddelijke komaf: Castor was de zoon van de schone Lena (moeder van Helena) en Tyndarëus van Sparta, maar Zeus zelf was de vader van Pollux (Grieks: Polydeuces). Het noodlottige gevolg was dat de een onsterfelijk, en de ander sterfelijk was.
Castor en Pollux waren onafscheidelijk en in uiterlijk elkaars gelijke. Als duo duiken ze op in verschillende verhalen uit de Griekse mythologie: ze bevrijdde hun zuster Helena uit de handen van Theseus, namen deel aan de jacht op het Calydonische zwijn en volgende Jason in zijn tocht der Argonauten. Ze trokken veel op met een ander broederpaar, hun neven Lynceus en Idas, waarmee ze eens een kudde runderen roofden. Bij de verdeling van de buit ontstonden onenigheden waarbij de Dioscuren uiteindelijk met niets achterbleven. Omdat ze dit niet konden verkroppen namen ze wraak en ontvoerden de verloofden van Lynceus en Idas. Deze laatsten zetten uiteraard direct de achtervolging in. Een hevige strijd volgde, en Castor werd geraakt door de werpspies van Idas. Pollux hield, wat ze ook probeerden, onverschrokken stand. Pollux op zijn beurt wist Lynceus dodelijk te raken. Hij bleef over met Idas, twee mannen die overkookten van woede, klaar om de dood van hun broers te wreken.
Uiteindelijk zou Zeus zelf ingrijpen door een bliksemschicht op Idas af te vuren. De vreugde en dankbaarheid waren van korte duur, want weldra realiseerde hij zich dat hij voortaan zonder zijn geliefde broer verder zou moeten. Hij richtte zijn blik omhoog, naar zijn hemelse vader, en smeekte: ‘O, vader, laat mij met hem, mijn liefste vriend, meegaan naar het rijk der schimmen!’ Zeus antwoordde hem dat hij nu eenmaal onsterfelijk was, maar dat hij hem de mogelijkheid gaf om de helft van de tijd bij de goden op de Olympus te vertoeven, en de andere helft in de donkere onderwereld, aan de zijde van zijn broer.
In Rome kun je een route lopen in de voetsporen van de Dioscuren. Door de eeuwen heen is het duo steeds onafscheidelijke gebleven; overal waar je Castor ziet, is Pollux niet ver. De route voert je dwars door het historische centrum van Rome, van het Forum Romanum tot aan de Villa Borghese.
Forum Romanum
Ze prijken prominent boven de rest uit en domineren de ‘skyline’ van het Forum Romanum: de drie rechtopstaande Korinthische zuilen. Het is alles wat over is van de tempel van Castor en Pollux, opgericht ter ere van twee broers vanwege hun legendarische bijdrage aan de slag bij het meer van Regillus.

De drie zuilen van de tempel van Castor en Pollux op het Forum Romanum (© Wikipedia)
Forum Romanum -> Capitool
Van het Forum Romanum is het maar een klein stukje lopen naar het Capitool, waar bovenaan de trap die naar het Piazza del Campidoglio leidt de doorgang wordt bewaakt door twee reusachtige beelden van Castor en Pollux. De beelden dateren uit de late keizertijd en sierden eens een tempel gewijd aan de Dioscuren.

De Dioscuren op het Campidoglio (© Wikipedia)
Capitool -> Quirinaal
We gaan verder en nemen de Via 24 Maggio richting weer een andere van de zeven heuvels van Rome. Midden op het Quirinaal, waar zich ook de presidentiële residentie bevindt, staat een enorme obelisk die wordt geflankeerd door twee enorme beelden van Castor en Pollux. Domenico Fontana legde het plein in opdracht van paus Sixtus V aan en liet speciaal daarvoor de antieke beelden restaureren.

Castor en Pollux op het Piazza del Quirinale (© Christopher Ramos )
Quirinaal -> Villa Borghese
We sluiten af in de groene omgeving van de Villa Borghese, het stadspark aan de noordkant van het centrum. In de Galleria Borghese zien we Castor en Pollux zoals we ze in gebeeldhouwde vorm nog niet eerder zijn tegengekomen: als twee kleine peuters aan de rok van hun moeder. Het schilderij in de Galleria Borghese, met de titel Leda en de zwaan, is gemaakt naar een origineel van Leonardo da Vinci, waarschijnlijk door een van zijn leerlingen (Cesare da Sesto?).

Leda, de zwaan en de kleine Castor en Pollux in de Galleria Borghese (© Wikipedia)
Vaak wordt me gevraagd of ik tips heb voor mensen die naar Rome gaan. Gelukkig heb ik inmiddels namens De Smaak van Italië de reisgids De smaak van Rome mogen maken, waarin de beste restaurants, koffiebarretjes en ijssalons worden prijsgegeven. In dat boekje staat alleen maar een handjevol bezienswaardigheden beschreven. Voor ongewone tips om je bezoek aan Rome zo bijzonder mogelijk te maken, kun je voortaan terecht op Orpheus kijkt om.
Vandaag een tip die je heel wat kostbare tijd kan besparen (ik spreek in alle vijf de gevallen uit ervaring): een lijstje met vijf dingen die je vooral niet moet doen tijdens een stedentripje Rome. En natuurlijk vijf leuke alternatieven.
1. In 2 dagen alle bezienswaardigheden willen zien
De gouden tip voor Rome is boven alles: probeer niet alles te zien in de paar dagen dat je er bent. Denk niet: ik wil in elk geval de hoogtepunten hebben gezien, want er zijn eindeloos veel hoogtepunten, die je na je tiende bezoek aan Rome nog niet allemaal hebt kunnen zien. Accepteer dat nog voordat je in het vliegtuig stapt en je zult gegarandeerd met een bevredigender gevoel terugkomen dan wanneer je haastig hebt geprobeerd zo veel mogelijk monumenten en meesterwerken af te gaan. Pick your battles, zou ik bijna willen zeggen, als het niet zo negatief zou klinken. Hoe dan ook; maak van te voren een niet te ambitieus lijstje, dat realistisch is in verhouding met de tijd die je hebt. Zo zorg je er ook voor dat je van datgene dat je wel bezoekt, optimaal kunt genieten. Bovendien hoeft je lijstje niet enkel te bestaan uit bezienswaardigheden; er zijn ook typisch Romeinse ervaringen die de moeite waard zijn. Dingen die ik tijdens een allereerste (kort) bezoek aan Rome op mijn lijstje zou zetten (ja, de Spaanse Trappen ontbreken):
Het Colosseum en het Forum Romanum bezoeken | Koffie drinken bij Sant’Eustachio | Afdalen in de Basilica di San Clemente | Een ijsje eten bij Giolitti | Het Pantheon van buiten en van binnen bewonderen | De koepel van de Sint Pieter beklimmen | Een muntje gooien in de Trevifontein | Naar de markt op Campo de’ Fiori | Slenteren over Piazza Navona | Uit eten gaan in de wijk Trastevere
2. Alles te voet willen doen
Het Romeinse Openbaar Vervoer heeft dezelfde reputatie als het land Italië als geheel: chaotisch en onbetrouwbaar. Maar hoe leuk het ook is om de stad goed te leren kennen; als je alles te voet doet, ben je na twee dagen zo goed als uitgeput. Bovendien: er gaan 2 metrolijnen door de stad (Linea A en Linea B) die uitstekend functioneren en die je desgewenst van de Spaanse Trappen naar het Colosseum brengen. Ze brengen je alleen lang niet overal waar je moet zijn. Schroom daarom niet om voor wat langere afstanden ook een keer de bus te pakken. In tegenstelling tot de metro komt de bus wel overal en bovendien rijden ze veel en regelmatig. Er zijn in Rome verschillende stadsplattegronden verkrijgbaar waarop je ook het metro- en busnetwerk kunt vinden. Natuurlijk heeft lopen zijn charme, maar door af en toe bij een wat langere afstand voor het OV te kiezen voorkom je een totale uitputtingsslag die je in de verleiding brengt om steeds op het eerste beste toeristenterras neer te strijken om uit te puffen en veel te veel te betalen voor een ijsthee of een cappuccino.
3. Eten óp Piazza Navona
In het verlengde van wat hierboven staat: loop ’s avonds rond etenstijd zeker even naar Piazza Navona en geniet van de levendigheid en de gezellige sfeer, maar schuif niet op Piazza Navona zelf aan een tafeltje aan. Zeker omdat er vlak achter het plein een heel leuke buurt ligt vol restaurantjes die veel meer de moeite waard zijn, zoals het authentieke maar eigentijdse Fico of huiskamerrestaurant Il desiderio preso per la coda.
4. Alleen maar boven de grond blijven
Rome is één groot openluchtmuseum, dat is zeker waar. Maar er is nog een hele wereld op zich die zich buiten, of liever gezegd onder dat museum bevindt: het ondergrondse Rome. Zo kun je in de Basilica di San Clemente, een kerkje in de schaduw van het Colosseum, afdalen in de geschiedenis, naar een Romeinse tempel van Mithras. Onder Piazza Navona liggen de resten van een Romeins wagenrenstadion, onder de Sint Pieter die van een complete begraafplaats en zo kan ik nog wel even doorgaan. Je kunt niet altijd overal in maar het loont de moeite van te voren even op de website van Roma sotterranea te kijken wat de mogelijkheden zijn.
5. De Tiber volgen
Het kan je gebeuren dat je, wanneer je van het noorden naar het zuiden van het centrum van Rome wilt lopen (of juist andersom), denkt dat het handig is om de Tiber te volgen; zolang je langs de rivier loopt ga je immers de goede kant op. Als je voor het eerst in Rome bent is het daarom goed om te weten dat daar waar de Tiber het centrum van Rome doorsnijdt, de rivier een paar flinke bochten maakt. Een wandelroute nemen die langs de Tiber loopt betekent dus bijna altijd een (flinke) omweg…