boeken

This tag is associated with 41 posts

Een kleine filosofie van het schrijverschap

Beginnen… Beginnen… Hoe zal ik beginnen? Ik heb honger. Ik zou koffie moeten halen. Koffie zou me helpen te denken. Misschien zou ik eerst iets moeten schrijven en dan mezelf met koffie belonen. Koffie en een muffin. Oke. Dus ik moet de thema’s duidelijk stellen. Misschien een banaan-walnoot. Ja, dat is een goede muffin.

- Charlie Kaufman, scenarioschrijver in de film Adaptation – vernoemd naar de echte scenarioschrijver – zoals geciteerd in Mijn leven is mooier dan literatuur.

 

Mijn leven is mooier dan literatuur

Jannah Loontjes, foto Bob Bronshoff

Jannah Loontjes, foto Bob Bronshoff

Wie niet houdt van lange teksten lezen op internet, scrollt het beste meteen door naar beneden. Daar vind je een link via welke je Mijn leven is mooier dan literatuur van Jannah Loontjens kunt bestellen. Doen; de ‘kleine filosofie van het schrijverschap’ is een prachtig boekje dat je met veel plezier zult lezen en dat je hoofd net zozeer zal vullen met nieuwe kennis en ideeën als met nieuwe twijfels en vragen.
Wie wil weten waarom ik het aanbeveel – en dus even mee wil gaan in hoe ík het las – kan rustig verder lezen.

Beginnen
‘Steeds meer mensen koesteren de wens te publiceren; gedichten, blogs, romans of memoires,’ lees ik op de achterflap van Loontjens’ boek.
Waarom begint iemand een blog? Waarom deed ik het?
Als tiener liep ik rond met een heimelijke maar vurige wens om te schrijven. Niet alleen voor mezelf, in een dagboek, maar Echt Schrijven; dat de woorden die ik vormde ergens in gedrukt zouden worden, en dat anderen dat dan zouden lezen. En dat ze dan goed, of leuk genoeg waren. Eigenlijk vooral: dat mensen niet in een honend proestend lachen zouden uitbarsten bij het lezen mijn teksten – mijn grootste, nogal levendige angst.
Die publicatiewens klinkt misschien groots, maar ik dacht gewoon aan zoiets als een stukje in de schoolkrant. Het bleef bij heimelijk wensen; ik vond ook de schoolkrant te hoog gegrepen en ben de drempel van de redactie nooit overgegaan.

Precies dit soort reflectieve gedachten komen naar boven drijven wanneer je Mijn leven is mooier dan literatuur leest, van Jannah Loontjens; een filosofische verkenning van de wondere wereld van lezen en schrijven.

Het definitieve van de eerste regel
Dat (dit) blog begon ik in 2012, zeker 15 jaar nadat ik voor het eerst twijfelend en dromerig het verlangen om te schrijven voelde, en eigenlijk vooral dankzij de overtuigingskracht van een goede vriendin. Precies tegelijk met het verlangen te schrijven was namelijk de angst gekomen. Een levensgrote, verlammende angst, die me er destijds niet alleen van weerhield om de drempel van de schoolkrantredactie over te stappen, maar zelfs om de wens hardop uit te spreken. Schrijven begint in je hoofd, maar beginnen met schrijven is een horde op zichzelf, die voor velen – mijzelf niet uitgezonderd – gepaard gaat met een faalangst die je dubbel verlamt: eerst is er de angst om voor je jezelf te falen (ik vind het niet goed genoeg) en daarna angst om te falen in de ogen van anderen (zij vinden het niet goed genoeg).

“Existentiële angst is is een vorm van levensangst die je kan overvallen en waarin het bestaan je plotseling beklemt en onzinnig voorkomt”

 

Die angst, die ik nooit goed heb kunnen plaatsen, krijgt in Loontjens’ Mijn leven is mooier dan literatuur ineens een plek. En een naam: schrijversangst.  ‘In Blanchots [een karakter van Proust, red.] analyses van de schrijversangst, hoor ik de echo van de invloedrijke Duitse filosoof Martin Heidegger (1889-1976),’ schrijft Loontjens. ‘Heidegger kent een belangrijke betekenis toe aan de fundamentele angst die de mens kan overvallen. In die angst ben je niet zomaar bang voor iets, maar voel je elke houvast wegglijden. Je voelt je als het ware in een ‘niets’ zweven. In de lezing ‘Wat is metafysica?’ maakt Heidegger een onderscheid tussen angst en vrees. Als je iets vreest, is er een duidelijk object dat je angst inboezemt, zoals een agressieve hond, een diepe afgrond of een gevaarlijke verkeerssituatie. Maar in de existentiële angst is er geen aanwijsbaar object dat gevreesd wordt. Het is een vorm van levensangst die je kan overvallen en waarin het bestaan je plotseling beklemt en onzinnig voorkomt, je verliest de grip op de werkelijkheid en voelt een groot ‘niets’ in je opdoemen.’

Toch dient de angst een doel: ‘Deze confrontatie met het ‘niets’ doet je uiteindelijk beseffen dat er ‘iets’ is, betoogt Heidegger. Juist in dit soort ongefundeerde angstgevoelens, krijgen we een besef van het ‘Zijn’ en formuleren we vragen die onze dagelijkse zorgen overstijgen.’

“Het verlangen om ‘alles’ te omvatten, gaat hand in hand met de angst om niets belangwekkends te kunnen verwoorden”

 

Vaak overheerst lang ‘het definitieve van de eerste regel en daarmee het risico meteen te falen’. Loontjens: ‘In de wens om met je werk een inzicht of belang te suggereren dat je bevattingsvermogen eigenlijk te boven gaat, omdat het niet zomaar in een enkele gedachte is samen te vatten aangezien er een groots boek voor geschreven moet worden, voel je dat je de greep verliest. Door het zoeken naar een thematische invalshoek die een allesomvattende betekenis moet suggereren, zoals Marcel dat in La Recherche [A la recherche du temps perdu, red.] wenste, lijkt elk mogelijk begin nietig en betekenisloos te worden. Het verlangen om ‘alles’ te omvatten, gaat hierdoor hand in hand met de angst om niets belangwekkends te kunnen verwoorden.’

Spreken vs. schrijven
Eduard Raban, een personage van Kafka, verkondigt een opvatting over literatuur die volgens Loontjens ‘raakt aan een oude discussie over het onderscheid tussen schrijven en spreken’. In dat verband haalt ze Plato’s dialoog Faidros aan, waarin Socrates betoogt dat het gevaar van een geschreven tekst is dat je nooit kunt weten wie hem onder ogen kan komen. ‘Hij zegt hierover dat het geschreven woord terechtkomt bij mensen die er verstand van hebben, maar evengoed bij mensen die er niets mee te maken hebben; het geschreven woord heeft geen idee tot wie het zich moet richten en tot wie niet. Een tekst kan zichzelf niet toelichten of verdedigen, hij is een uiting van een persoon die niet meer in de tekst zelf aanwezig is. Het geschreven woord vervangt de aanwezigheid van de spreker.’

“Socrates betoogt dat het gevaar van een geschreven tekst is dat je nooit kunt weten wie hem onder ogen kan komen”

 

Weer dwalen bij het lezen van de woorden van Loontjens mijn gedachten af naar mijn eigen situatie, mijn eigen ervaringen. In het licht van Plato’s theorie over de afwezigheid van de spreker is de explosieve groei van mensen die publiceren wat ze schrijven, vooral via internet, extra interessant. Als al die bloggers (zoals ik) hun teksten publiceren op het internet, is er dan in de verste verte nog sprake van een band tussen schrijver en lezer?
Hoewel Socrates meent dat schrijven slecht is voor het geheugen – wie geheugensteuntjes nodig heeft, spreekt immers zijn eigen capaciteit om over echte kennis te beschikken niet aan – is mijn ervaring juist dat schrijven een grote toegevoegde waarde heeft. Natuurlijk, ‘het definitieve van de eerste regel’ beperkt je in zekere zin: ‘Een schrijver wil uitdrukking geven aan iets specifieks, een uitzonderlijk idee, een scherpe analyse of observatie, een particuliere ervaring, maar dit moet wel gebeuren met het gereedschap dat Jan en alleman gebruikt: taal,’ schrijft Loontjens terecht. Maar schrijven is tegelijkertijd een krachtige transformator: het ordent hersenspinsels, het geeft inzicht in de gedachten in je eigen hoofd of verbeelding en, misschien nog het meest krachtige: het geeft gedachtes een werkelijk bestaan in de wereld.

“Een schrijver wil uitdrukking geven aan iets specifieks, een uitzonderlijk idee, een scherpe analyse of observatie, een particuliere ervaring, maar dit moet wel gebeuren met het gereedschap dat Jan en alleman gebruikt: taal”

 

Iets opschrijven, hoe klein of groot ook, dwingt je om keuzes te maken en concreet te worden, op een veel meer ordelijke en voor anderen begrijpelijke wijze dan wanneer je iets uitspreekt. Natuurlijk zijn er begiftigde, inspirerende sprekers en warrige, onbegrijpelijke schrijvers, maar in de meeste gevallen geldt: pas wanneer je iets opschrijft, kun je het echt met anderen delen. De manier waarop je dat doet is het gevolg van een mengeling van aangeboren talent, taalgevoeligheid en oefening, maar ‘iets delen’ kan tegenwoordig iedereen, met de druk op een knop. Dat je vervolgens geen invloed hebt op hoe jouw woorden exact zullen worden ontvangen, is de prijs die je bereid moet zijn te betalen voor de betekenis die je hebt gegeven aan je gedeelde gedachtes of verzinsels.

Heb ik ook maar een enkele originele gedachte in mijn hoofd?
Veel koppen in Mijn leven is mooier dan literatuur zijn gesteld in de vorm prangende vragen, die althans bij mij bekend voorkomen. Juist omdat het vragen zijn die alleen in dialogen voorkomen die ik met mijzelf heb – in mijn hoofd, dus, voor de duidelijkheid – lees ik Loontjens’ boek niet alleen met bewondering (voor hoe mooi het is opgeschreven en hoe grondig de literaire en filosofische kennis van de auteur is) en vrolijke verbazing (over de nieuwe informatie en ideeën die ik lees), maar ook met een gevoel van herkenning (alhoewel ik natuurlijk nooit zal weten of dat wat ik van haar woorden maak ook haar ideeën zijn geweest bij het schrijven).

“De monoloog begint met de vraag: ‘Do I have an original thought in my head?’”

 

Het begin van dit blogstukje is een citaat uit de film Adaptation, aangehaald door Loontjens. Die film begint met ‘een zwart beeld, waarbij je in voice-over een monoloog hoort van de hoofdpersoon Charlie, gespeeld door Nicolas Cage. De monoloog begint met de vraag: ‘Do I have an original thought in my head?’

Een grote vraag, die raakt aan wat hierboven is beschreven als schrijversangst. Het verwoordt wat misschien wel elke schrijver zich afvraagt: ‘heb ik eigenlijk wel iets origineels te vertellen? Is dit niet al geschreven? Zijn al mijn gedachten, ervaringen, gevoelens, niet al door iemand anders verwoord? En misschien al wel veel beter? Elk leven van ieder individu is in zekere mate uniek, maar zodra een ervaring wordt beschreven kan zij al gauw algemeen klinken; alsof de ervaring iemand anders toebehoort, of nog erger, alsof de ervaring een gemeenplaats is.’

Ben jij een schrijver?
Iedereen kan schrijven. Toch? ‘Iedereen die een pen en papier heeft, of een computer, kan in principe schrijven,’ schrijft Loontjens. ‘Zo lijkt het althans.’
De ‘maar’ wordt vervolgens in filosofische termen toegelicht: ‘In Wachten op geluk schrijft de filosoof Coen Simon dat de moderne mens ‘volledig zeggenschap wil over de bevrediging van zijn eigen verlangens’. (…) De Sloveense filosoof Slavoj Zizek betoogt dat de nadruk op het bevredigen van verlangens een ontwikkeling is die is ontstaan door het verdwijnen van het religieuze bewustzijn. Met name de door begeerte gestuurde verlangens naar bewondering, seks, geld of roem werden veelal als een proeve Gods opgevat; als deze goed werden doorstaan kon dit in het hiernamaals beloond worden. (…) Nu het geloof steeds minder vat op ons heeft, wordt het doorstaan van verlangens, zonder naar bevrediging toe te werken, niet meer als een nobele achtenswaardige levenshouding beschouwd, maar veeleer als een gemiste kans. We hebben één leven en daar moeten we zo veel mogelijk uithalen, lijkt de boodschap van deze tijd. Vrijwel alle glossy’s en praatprogramma’s, Oprah Winfrey ging hierin voorop, lijken het hierover eens.
Maar wat doen we met verlangens die gefrustreerd worden; angsten, onzekerheden, twijfels of tegenslagen als het doorstaan ervan niet in de hemel beloond wordt? We kunnen ze omwerken tot een tekst of een kunstwerk, lijkt de conclusie van de moderne mens.’

“Ik heb het lange tijd pretentieus gevonden om mezelf schrijver te noemen, laat staan filosoof. Ik vond het beter om te zeggen: ‘Ik schrijf’”

 

Schrijf een boek, zeggen mensen dan al snel. Dat kan natuurlijk. Maar wordt het dan meteen literatuur? Wanneer wel en wanneer niet? En: wanneer mag je jezelf dan schrijver noemen? Loontjens: ‘Ik heb het lange tijd pretentieus gevonden om mezelf schrijver te noemen, laat staan filosoof. Ik vond het beter om te zeggen: ‘Ik schrijf’.

Dat brengt haar naar abstractere vragen als: ‘Wat is een schrijver eigenlijk? Moet je om jezelf schrijver te noemen een boek gepubliceerd hebben?’

Eindigen
Aan vragen ontbreekt het niet in Mijn leven is mooier dan literatuur. Dat klopt helemaal met de mini-bio van de auteur zoals weergegeven op haar twitteraccount: ‘Schrijver / Dichter / Filosoof / Twijfelt graag en veel.’ In het geven van gesloten, afgeronde antwoorden is ze dan vanzelfsprekend terughoudend. Precies dat maakt het essayachtige boek en de wijze waarop het geschreven is zo aantrekkelijk.

Nu het einde van dit stukje nadert, realiseer ik me ineens dat ik het vooral over twijfel en angst heb gehad. Natuurlijk is dat – zoals in het hoofdstuk ‘Wat we lezen en wie we zijn’ wordt beschreven – een gevolg van wat ik met de woorden heb gedaan, hoe ik ze inpaste en interpreteerde in mijn eigen ervaring en beleving. Zelfs bij het schrijven van dit stukje overheerst nog de schrijversangst. Ben ik te open? Stel ik alles te simplistisch voor? Is het niet te lang? Heb ik eigenlijk wel iets te vertellen?

“De mini-bio op haar twitteraccount: ‘Schrijver / Dichter / Filosoof / Twijfelt graag en veel’”

 

Het doet Mijn leven is mooier dan literatuur daarom tekort: dat is niet alleen beschouwend maar ook geleerd. Dat gaat niet alleen over angst en twijfel, maar ook over wat lezen is, wat schrijven is, of je kunt spreken van hoge en lage literatuur, over verhalen vertellen en autobiografisch schrijven, over lezen en schrijven en alles wat daarmee te maken heeft.

Mijn leven is mooier dan literatuur is, zoals ik al schreef, een boekje dat tegelijk verwondert, verbaast en amuseert. Maar wat het vooral doet: het inspireert en nodigt uit om je eigen kleine filosofie van het schrijverschap te overdenken. En dat is dan toch de grote kunst van het lezen en schrijven. Jannah Loontjens is in die zin een groot kunstenaar.

Jannah-Loontjens-Mijn-leven-is-mooier-dan-literatuurMijn leven is mooier dan literatuur
Jannah Loontjens
ISBN 9789026326394
Ambo
€ 18,95

Bestel Mijn leven is mooier dan literatuur via deze link bij Libris of bestel hier het e-book (€ 14,99)!

 

 

 

 

Nadagen van een wereldrijk

‘Maar terwijl de keizer heen en weer vloog en opdook waar de strijd in de voorhoede het hevigst was, deden onze lichtbewapende troepen een snelle uitval. [...] Opeens schampte, niemand weet waarvandaan, een ruiterspeer de huid van zijn arm, drong door tussen zijn ribben en bleef steken in de onderste lob van zijn lever.’ Oftewel: lees op de website van Athenaeum Boekhandel vast een fragment uit Julianus, de laatste heidense keizer. Nadagen van een wereldrijk van Ammianus Marcellinus, in de nieuwe vertaling van Daan den Hengst.

Julianus-de-laatste-heidense-keizer

Julianus, de laatste heidense keizer. Nadagen van een wereldrijk
Ammianus Marcellinus
Vertaling Daan den Hengst
Athenaeum-Polak & Van Gennep
ISBN 9789025370466
€ 39,95

Bestel Julianus, de laatste heidense keizer. Nadagen van een wereldrijk via deze link op Bol.com

Alvast lezen in de nieuwe Dan Brown

Dante, door Sandro Botticelli (1495). Foto: Wikimedia

Dante, door Sandro Botticelli (1495). Foto: Wikimedia

Sommigen hebben er weken, maanden, jaren op gewacht en verwachten er de wereld van. Anderen zijn er (nog) niet van overtuigd dat het zó storm zal gaan lopen. Elf vertalers werden twee maanden lang opgesloten in een bunker in Milaan om het boek in zoveel mogelijk talen tegelijkertijd op de markt te brengen; de Nederlandse vertalers schoven gisteravond aan bij De Wereld Draait Door. Om inspiratie te krijgen zou Dan Brown geregeld op z’n kop hangen en The New York Times schrijft over ‘Fifty Shades of Iconography’.

Kortom: er is een nieuw boek van de hand van Dan Brown verschenen en de pr-machine draait. De  release van het langverwachte nieuwe boek geschiedt wereldwijd op hetzelfde moment – vandaag om 07:00 in Nederland. Een aantal boekhandels organiseert er zelfs speciale ontbijtsessies voor. Inferno is de titel van Dan Browns nieuwste page turner, Florence de plaats van handeling. Het onderwerp is, zoals de titel weggeeft, Dante en de Divina Commedia.

Direct al nieuwsgierig? Of eerst maar eens wat lezen voordat je naar de boekhandel rent? Dat kan. Uitgeverij Luitingh-Sijthof geeft je via een speciale app de mogelijkheid om alvast (gratis) het eerste hoofdstuk te lezen van Inferno (wel eerst even de Facebookpagina liken).



Brown-Dan-InfernoOver Inferno
Ook in Inferno zal professor Robert Langdon, hoogleraar religieuze symboliek, je weer mee op reis nemen door een wereld van geschiedenis, kunst, symbolen en puzzels. Het verhaal speelt zich in elk geval voor een deel af in Toscane en  er is een centrale rol weggelegd voor ‘een van de meest weerbarstige en mysterieuze literaire meesterwerken uit de geschiedenis’: Dantes Inferno.

Bestel Inferno via deze link op Bol.com!

Confronting the Classics

‘Mary Beard is voor de klassieken wat David Attenborough is voor de natuur: als ambassadeur brengt ze een verre wereld tot leven door middel van goed bekeken televisieseries en toonaangevende publicaties. Confronting the Classics is haar nieuwste boek, waarin ze zowel de strijd aangaat met de onderzoekspraktijk als met de Oudheid zelf.’ Lees de recensie van Lujzika Adema van Kooten hier!

Mary-Beard

In Romeinse stijl

Zo kleurrijk en haarscherp heb je ze nog niet eerder tot leven zien komen, de Romeinen. In Romeinen. Kleding uit de Romeinse tijd in Noordwest-Europa, een boek van monumentale omvang en vol prachtige, full colour beelden, brengen re-enactors archeologisch en historisch onderzoek naar Romeinse kleding in beeld.

Romeinen-closeup

Uit: Romeinen/Romans, foto: Stef Verstraaten.

 

Re-enactors
Stef Verstraaten fotografeerde de afgelopen jaren re-enactors in Romeinse uitrusting, compleet met wapentuig, religieuze attributen en andere voorwerpen uit het Romeinse leven. De geschiedenis komt zo voor zijn camera komt tot leven.

Romeinen is tweetalig (Nederlands en Engels) en geeft een mooi inkijkje in de vele verschijningsvormen van de oude Romeinen. Maak van dichtbij kennis met legionairs, hulptroepen, officieren, burgers en slaven uit de eerste eeuwen van onze jaartelling.

Blader alvast door een voorproefje van het boek:

Preview-Romeinen

 

Verder lezen
Untitled-5
Romeinen. Kleding uit de Romeinse tijd in Noordwest-Europa
Romans. Clothing from the Roman era in North-West Europe
Fotografie: Stef Verstraaten
Met bijdragen van: Paul van der Heijden en Jasper Oorthuys
Uitgeverij Van Tilt
ISBN 9789081450041 | € 49,50

Bestel het boek Romeinen/Romans hier via Bol.com!

De nieuwe Dan Brown

Brown, Dan - Inferno - omslag - defTien jaar na het succes van De Da Vinci Code en vier jaar na de bestseller Het Verloren Symbool verschijnt op 14 mei bij uitgeverij Luitingh–Sijthoff de langverwachte nieuwe thriller van Dan Brown: Inferno.

Ook in Inferno zal professor Robert Langdon, hoogleraar religieuze symboliek, je weer mee op reis nemen door een wereld van geschiedenis, kunst, symbolen en puzzels. Het verhaal speelt zich in elk geval voor een deel af in Toscane en  er is een centrale rol weggelegd voor ‘een van de meest weerbarstige en mysterieuze literaire meesterwerken uit de geschiedenis’: Dantes Inferno.

Over de inhoud mag verder (tot 14 mei) nog niet al teveel worden prijsgegeven. Zelf zei Dan Brown over zijn nieuwe boek:

‘Hoewel ik al tijdens mijn studie Dantes Inferno heb gelezen, heb ik pas onlangs, toen ik onderzoek deed in Florence, echte waardering gekregen voor de invloed van Dantes werk op de moderne tijd,’ verklaart Brown. ‘Ik verheug me erop in mijn nieuwe boek de lezers mee te nemen op een reis door deze mysterieuze wereld, een landschap vol codes, symbolen en geheime doorgangen.’ 

 

Op 14 mei zal Inferno wereldwijd tegelijkertijd verschijnen.

De bekentenis van Adrià

‘Ik ben de roman van de eeuw aan het lezen,’ schreef de recensent van de Spaans krant La Vanguardia over het nieuwe boek van de Catalaanse schrijver Jaume Cabré. Onlangs verscheen de Nederlandse vertaling van deze prachtige maar duistere familiegeschiedenis bij Uitgeverij Signatuur onder de titel: De bekentenis van Adrià.

 
AdriaIn de antiekwinkel van zijn vader in Barcelona vind de jonge Adrià een bijzondere viool. Het is een waardevol exemplaar, uit de achttiende eeuw en gemaakt door de beroemde vioolbouwer Lorenzo Storioni.

Adrià is gefascineerd door de prachtige viool; op een dag kan hij zich niet meer inhouden en ruilt hem om met zijn eigen viool. Met trots laat hij het instrument aan zijn beste vriend Bernat zien. Wanneer hij de Storioni wil terugleggen is zijn eigen viool verdwenen en zijn vader vermoord…

Jaren gaan voorbij, Adrià groeit op tot een geleerde en verzamelaar, maar heeft het raadsel van de Storioni en de moord op zijn vader nooit los kunnen laten. Hij start een zoektocht, een queeste om het raadsel op te lossen. Zijn vader, Fèlix Ardèvol, blijkt seminarist te zijn geweest aan de Pauselijke Universiteit Gregoriana. Zijn vader was, zij het met wat tegenzin, als jongeman naar Rome vertrokken:

‘Ik wil niet naar Rome, monseigneur. Ik wil me aan de studie wijden, want…’
‘Juist daarom stuur ik je naar Rome, mijn zoon. Ik ken ons seminarie goed genoeg om te weten dat een knappe kop als jij er zijn tijd verdoet.’
‘Maar monseigneur…’
‘God heeft grootse plannen met je. En je docenten dringen er bij mij op aan,’ zei hij, en hij wuifde ietwat theatraal met het vel papier in zijn handen.
(…)
‘De Santa Maria legde op de ochtend van de tweede donderdag van september in Ostia aan. Het was heilig. De oversteek vanuit Barcelona was erger geweest dan welke omzwerving ook van Aeneas, op zoek naar zijn uiteindelijke bestemming en eeuwige roem. Neptunus was hem niet bepaald welgezind geweest. Aan boord van de Santa Maria had hij niet alleen de vissen gevoerd, maar was ook zijn teint veranderd: van bruinverbrand en blozend, normaal voor een boer uit de Vlakte van Vic, in wasbleek, zoals een mystieke verschijning.
(…)
In een hoek van Ostia, waar half vergane, van de ratten vergeven kisten stonden, braakte hij zijn onmacht uit en bijna alle herinneringen aan zijn verleden. Een paar tellen lang ademde hij moeilijk, tot hij zijn rug rechtte, zijn mond met een zakdoek afveegde, energiek zijn reissoutane gladstreek en zijn schitterende toekomst in ogenschouw nam. Net als Aeneas was hij hoe dan ook in Rome aangekomen.

De aankomst in Rome is het begin van een lange geschiedenis, waarin de viool verband lijkt te houden met duistere familiegeheimen en moordgevallen, met haat en intrige, en met liefde en verraad. Adrià ontrafelt ze stuk voor stuk.

 

LEES VERDER:
De bekentenis van Adrià
Jaume Cabré
vertaald door Pieter Lamberts en Joan Garrit
ISBN 9789044965827
€ 25,00 | Uitgeverij Signatuur

Coming up: het Feest der Letteren

fdl-385Op 9 maart vindt in de Bijenkorf in Amsterdam het jaarlijkse Feest der Letteren plaats. Bekende auteurs signeren hun werk en een aantal van hen wordt live geïnterviewd in het Damcafé. Daarnaast vinden er door de hele winkel heen literaire activiteiten plaats. Bekijk hier wie er komen signeren of geef je hier op voor de livechat met James Worthy!

Wie denk je dat je bent?

Liefde, seks en tragedieWie dacht op basis van enkel wat psychische zelfkennis en levenservaring te weten ‘wie hij is’ heeft het, volgens auteur Simon Goldhill, helemaal mis.
‘Wie denk je dat je bent?’, de titel van deze blog, is de ook titel van het eerste deel van Liefde, sex en tragedie. Hoe de oudheid ons heeft gevormd, een vorig jaar in Nederlandse vertaling verschenen boek van die schrijver. Voor een goed begrip van wie we zijn en hoe dat zo komt, meent Goldhill, is ook de geschiedenis van belang, in het bijzonder die van de Grieks/Romeinse oudheid.

DE ONONTBEERLIJKE KLASSIEKEN
‘Dit boek gaat over hoe ‘de klassieken’, de bestudering van de culturen van het antieke Griekenland en Rome, onontbeerlijk zijn voor het vinden van antwoorden op de kernvragen over wat het betekent om mens te zijn in de moderne samenleving,’ vermeldt de auteur in de inleiding. ‘Het stelt niet alleen dat geschiedenis van belang is voor een goed begrip van wie we zijn en hoe dat komt. Het wijst meer in het bijzonder op het diepgaande belang van de antieke wereld voor ons bewustzijn van onszelf in het moderne leven. ’

Van obsessies met het ‘volmaakte lichaam’ tot in de antieke cultuur gewortelde joods-christelijke tradities, van politieke grondbeginselen tot amusementsvormen als het theater de gladiatorenspelen en de mythen en verhalen waarmee wij mensen, toen en nu, ons begrip van het hier en nu vormen: Liefde, sex en tragedie maakt in bijna 400 pagina’s meer dan duidelijk dat de klassieke oudheid van groot belang is geweest voor vele generaties grondleggers van de politieke, intellectuele en kunstzinnige tradities van het Westen.

EEN HARTENKREET
De vertellingen over het Griekse en Romeinse verleden zijn vermakelijk en grondig, de voorbeelden goed gevonden en verhelderend. Maar dit boek is meer dan een opsomming van voorbeelden van gewoontes, gebruiken en tradities uit de klassieke oudheid die op de een of andere manier voortleven of hun invloed uitoefenen op het westerse leven van vandaag de dag. Het is een pleidooi, een hartenkreet bijna, voor het belang van de bestudering van het verleden in het algemeen.

‘Onze vaders en moeders,’ vertelt Goldhill in het laatste hoofdstuk, ‘waren zeer verknocht aan de klassieken en maakten hun beeld daarvan tot fundament van hun culturele verbeelding. Als we net als kinderen de hartstochten van onze vaders en moeders niet kunnen begrijpen, ontwikkelen we een inadequaat beeld van het verleden, weinig meer dan de reflectie van onze eigen sores in een verweerde spiegel.’

DE SPIEGEL
Hoewel we in Nederland wellicht wat minder affiniteit voelen met de woorden van de (Britse) auteur van dit boek – het waren immers vooral landen als Groot-Brittannië, Duitsland en Frankrijk wiens intellectuele elite hun eigen ‘renaissance’ van de klassieken beleefden in de 18e en 19e eeuw – waren er toch ook een groot aantal Nederlandse kunstenaars, schrijvers en denkers die een ‘Grand Tour’ ondernamen en de invloeden daarvan mee terug naar huis namen. Die reizen en die kunstenaars zijn echter niet vaak onderdeel van de geschiedenislessen in ons land, en maken dus geen groot deel uit van ons ‘collectief historisch besef’. Toch maakt het voor de lezer van dit boek weinig uit: het moet het namelijk vooral hebben van affiniteit van de lezer met een veel algemenere waarde, die midden in het boek prachtig is verwoord door Goldhill:

‘Kijkend in de spiegel van het verleden kunnen we onszelf beter zien.’
Liefde, seks en tragedieVERDER LEZEN?

Liefde, sex en tragdie.
Hoe de oudheid ons heeft gevormd

Simon Goldhill
ISBN 9789046813119
Nieuw Amsterdam Uitgevers

Pas verschenen: De Afvallige, van Jan van Aken

Bij Uitgeverij Querido verscheen onlangs De Afvallige, het veelbelovende nieuwe boek van Jan van Aken over de ‘afvallige’ Romeinse keizer Julianus. De Afvallige is meteen Boek van de Week in het NRC Handelsblad en Van Aken is op 28 februari te gast bij Lezen &cetera, de literaire talkshow in Spui25. Lees meer >
De Afvallige

 

Nominaties

Orpheus kijkt om werd in 2012 genomineerd voor een Travvies Award en voor de Geschiedenis Online Prijs.

Laatste tweets

Op de hoogte blijven? Laat je mailadres achter en ontvang de nieuwsbrief!

Join 894 other followers

Onlangs besproken:

Verjaardag